Tagarchief: De Ruigte

Visuele toer door De Ruigte – juli 2026

Visuele toer door De Ruigte: juli 2026

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  Elke maand laat ik deze diversiteit zien met een fotoverslag.

Kaardenbol

Droogte treft ook De Ruigte. Op de zonnigste plekken is de bodem nu uitgedroogd. Waar bezoekers voor veel erosie zorgen, verdwijnen planten. Een verzoek: blijf op de paden, dit geldt ook de hond. Veel planten lijken hun levenscyclus te versnellen. Ze groeien minder uitbundig, maar blijven klein en bloeien snel. Vormen zaad en gaan daarna in rust. Grasachtige planten hebben hun sappen in de wortels opgeslagen en zijn in zomerrust gegaan. Rond bomen en struiken is meer schaduw en dus zijn daar lagere temperaturen. 

Er staan verschillende kaardenbollen (Dipsacus fullonum). De kaardenbol is een tweejarige plant. In het eerste jaar steekt de plant vooral energie in groei en opslag; daardoor kan hij in het tweede jaar krachtig bloeien en veel zaad produceren. Dat geeft de plant een voorsprong tijdens de hittegolven die we dit jaar meemaken.

Pyamaschildwants

Ook dit jaar weer zit de pyjamaschildwants (Graphosoma italicum) op de schermbloemen van wilde peen (Daucus carota). Het scherm bestaat uit vele stralen, waarvan de buitenste bij rijping in de vorm van een “vogelnestje” naar binnen zijn gebogen. Daar zoeken de pyjamaschildwantsen beschutting.

Pyamaschildwants 2

De aanhoudende droogte lijkt invloed te hebben op het aantal insecten. Sommige soorten had ik nog niet gezien; dat geldt ook voor de pyjamaschildwants die vorig jaar ruim aanwezig was. 
Pas deze week zag ik twee koppels. Deze kleurrijke wants is een typische boomwants die niet vaak op de bodem komt en het meest wordt gevonden in ruige, meestal droge en zon-beschenen kruidenvegetaties.

Mijterschildwants

In 2005 zijn er 617 soorten wantsen in Nederland geteld. Je vindt ze op het land, in het water. Deze mijterschildwants(Aelia acuminata) leeft van de sappen van grassen en granen, wat hem niet geliefd maakt bij boeren, maar wel welkom in De Ruigte. De mijterschildwants heeft een iets langwerpig lichaam dat met enige fantasie doet lijken op een mijter. 

Akkerhommel op de veelsoortige distel

Er is een soort waar geen tekort aan is en dat is de akkerhommel (Bombus pascuorum). Waar je ook kijkt, deze hommel zie je nectar verzamelen voor de energie en stuifmeel voor jongen. Op het veldje staat een veeldoornige distel(Carduus acanthoides). Op de bloemen kun je de akkerhommels van heel dichtbij bekijken. De akkerhommel laat zich niet verstoren door passanten.

Akkerhommel

De akkerhommel kent kleurvariaties zoals deze lichte gekleurde hommel. De patronen blijven wel hetzelfde. Toen deze stil ging zitten, kon je aan de beschadigingen aan de vleugels zien dat dit een ouder exemplaar is, wat ook tot kleurvervaging kan leiden, net als bij mensen.

Gewoon knuppeltje

En ja, waar hommels zijn heb je het knuppeltje. Het gewoon knuppeltje (Physocephala rufipes) is een vlieg die parasiteert op de hommels. 

Tronkenbij

De verscheidenheid aan bijensoorten is er wel maar ook hier zijn de aantallen lager dan vorig jaar. Misschien als gevolg van de aanhoudende warmte of de kortere bloei of afwezigheid van sommige kruiden. Wilde bijen zijn meer gebonden aan een of enkele soorten bloemen, hun waardplanten.  Zoals deze tronkenbij (Heriades truncorum) die een stuifmeelspecialist is, en die voornamelijk stuifmeel van gele composieten zoals kruiskruidsoorten verzamelt. Deze tronkenbij verzamelt stuifmeel van het Duinkruiskruid (Jacobaea vulgaris subsp. dunensis), een ondersoort van het Sint Jacobskruiskruid. De tronkenbij nestelt in oude kevergangen in oud hout en ook oude rietstengels. 

Gehoornde maskerbij

Gehoornde maskerbij (Hylaeus cornutus) vind je op de peen en de berenklauw die beiden nu uitbundig bloeien. De gehoorde maskerbij komt meer richting Limburg voor. Het is een warmte-minnende soort die voorkomt op ruderale terreinen zoals spoorwegemplacementen. We zien vaker door de hogere temperaturen warmte-minnende soorten noordelijker in Nederland. Warmte is iets anders dan hitte, waardoor soorten de koelere omgeving opzoeken.

Distelvlinder

Ik kon het niet laten om deze distelvlinder (Vanessa cardui) nog een keer te laten zien. Het is ook een bijzondere vlinder. Mede door het grote aantal distels is de vlinder redelijk aanwezig in De Ruigte dit jaar. Bij de distelvlinder zie je maar 4 van de 6 poten. Zijn voorpoten zijn kleiner en zijn opgetrokken tegen het lichaam. Distelvlinder behoort tot de familie Nymphalidae, de zogenoemde brush-footed vlinders. Deze voorpoten bevatten veel sensoren die helpen bij proeven en verkennen van de omgeving, of het herkennen van welke soortgenoten er gezeten hebben. 

Brede wespenorchis

Brede wespenorchis (Epipactis helleborine) heeft zich uitgebreid en staat nu ook tussen de klimop. De wespenorchis wordt vaak in combinatie met klimop gezien. De naam wespenorchis verwijst naar het bestuiven van de bloem door wespen, zoals de gewone wesp (Vespula vulgaris). De klimop wordt goed bezocht door deze wespen. Door bij of tussen de klimop te groeien, verhoogt de wespenorchis de kans om door wespen bezocht te worden.

Het is mooi dat de wespenorchis zich uitzaait. Verplaatsen is niet mogelijk, omdat ze sterk afhankelijk zijn van de symbiose met specifieke schimmeldraden. De bladeren zijn sterk gereduceerd en deze hebben weinig chlorofyl. De wespenorchis krijgt voeding via een uitgebreid net van schimmeldraden.

Zwartgerande tuinslak

De zuidkant van de Kruidenheuvel ligt wat meer in de schaduw van bomen. Door het kleine beetje regen wat de afgelopen tijd gevallen is, heeft het laddermos zich volgezogen met water. Dit houdt de ondergrond vochtig ondanks de hoge temperaturen. Zolang de kruiden een dichte laag vormen over de heuvel, zorgt het laddermos voor een buffer aan vocht.  Als je voorzichtig de kruiden een beetje opzij buigt, zie je het vochtige mos.  Deze zwartgerande tuinslak(Cepaea nemoralis) voelt zich helemaal thuis in deze omgeving, en leeft van de dode bladeren.

Zwenkgras

Aan de noordzijde van de Kruidenheuvel bij de ingang, is er meer erosie door de bezoekers. Daardoor zijn er open stukken ontstaan waardoor dit deel van de heuvel verdroogt. Toch zijn er soorten die deze kale stukken prefereren. Zoals deze zwenkgrassen: alles is er verdroogd maar deze zwenkgrassen staan er prachtig bij.

Door de warmte in de Ruigte en in de hele stad, zijn veel vogelsoorten weggetrokken. Temperaturen stijgen makkelijk boven de 45 graden. Dat kan zelfs te veel zijn voor vogels. De reden waarom sommige soorten er nog wel zijn, is omdat het broedseizoen achter de rug is. Zang om je territorium te behouden, is niet meer nodig. Ook gaan vogels langzaam in de rui.

Voor de volgende keer zal ik weer een overzicht van vogels in De Ruigte op basis van geluidsopnamen toevoegen.

Helaas noodzakelijke gedragsregels: 

– Geen toegang met auto of fiets

– Wandel over de paden

– Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)

– Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden

– Verboden om de eilanden te betreden

– Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken

– Verboden te kamperen

– Honden aan de lijn (drollen verwijderen) 

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. 
Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com

Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s).

Contact

Groengroep: DeRuigte@outlook.com

Gemeente: Gerpieter Wilbrink g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!

Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website. 
Vergeet niet de aanmelding te bevestigen! 
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws

Visuele toer door De Ruigte: juni 2026

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws

Visuele toer door De Ruigte: mei 2026

KOM NAAR EXPEDITIE DE RUIGTE OP ZONDAG 31 MEI OM 14:00 UUR IN DE RUIGTE!
(zie verdere info onderaan deze toer)


Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws

Meld je aan! NachtExpeditie Stadsnatuur zaterdag 23 mei in De Ruigte

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws

Expeditie Stadsnatuur in mei en juni ook in De Ruigte

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws

Visuele toer door De Ruigte: april 2026

3 reacties

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte: maart 2026

2 reacties

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte: februari 2026

Donsvoetbundelzwam

Februari brengt nog altijd winterse kou, dus ik begin graag met een typische winterpaddenstoel: de donsvoetbundelzwam (Meottomyces dissimulans). Deze soort verschijnt van november tot en met februari op dode bladeren, stukken hout en kleine takjes van loofbomen. Hij wordt het meest gevonden onder populieren, maar er zijn ook meldingen van groei onder es, esdoorn, linde, wilg en els, vooral in De Ruigte bij de takkenwal waar genoeg oude bladeren en takken liggen. De hoed van jonge exemplaren is donkerbruin en kan later verkleuren naar lichtbruin of grijs.

Purperkorstzwam

De purperkorstzwam (Chondrostereum purpureum) is een schimmel die visueel overeenkomsten vertoont met het elfenbankje, maar zich onderscheidt door een paarse kleur en witte rand. De randen zijn golvend en bezet met een witte, donzige beharing. De onderzijde van de zwam is glad en varieert van donkerbruin tot bruin-violet. Deze soort komt voor als saprofyt op dood hout van diverse loofbomen en als parasiet op levende bomen en struiken uit de rozenfamilie. De purperkorstzwam veroorzaakt loodglansziekte bij vruchtbomen, waaronder de pruim en kers, waarbij de aangetaste boom uiteindelijk het leven laat. Om deze reden wordt deze schimmel ingezet bij de bestrijding van invasieve soorten, specifiek ter controle van de Amerikaanse vogelkers.

Pimpelmees

In tegenstelling tot het najaar zijn er nu groepjes vogels van één soort te zien, aangezien het broedseizoen nadert. Vooral in de Ruigte valt dit goed op bij bijvoorbeeld de pimpelmees (Cyanistes caeruleus). Zowel de pimpelmees als de koolmees zijn typische bosvogels, wat duidelijk zichtbaar is aan hun geelgroene verenkleed. Wanneer deze vogels op zoek zijn naar voedsel op een met gele korstmos en groene mossen begroeide eikentak, biedt het verenkleed van de pimpelmees uitstekende camouflage. De meeste vogels nemen kleuren waar zoals mensen dat doen, maar met een extra gevoeligheid voor het ultraviolet (UV) spectrum. In het UV-spectrum verschijnen de gele, groene en blauwe tinten van de pimpelmees veel intenser. Vrouwtjes geven vaak de voorkeur aan mannetjes met een grotere en intensere blauwe kruin in het UV-spectrum, wat mogelijk duidt op een hogere fitness van het mannetje. Opmerkelijk is dat roofvogels, die op deze kleine vogels jagen, geen UV-zicht hebben.

Pimpelmees (2)

Steden, met hun bomen langs straten en in parken, vormen een redelijk alternatief voor het krimpende natuurlijke leefgebied. De aanpassingscapaciteit van de pimpelmees is aanzienlijk; deze soort kan dan ook tot de stadsvogels worden gerekend. Dankzij holle bomen en de aanwezigheid van broedvogels als de grote bonte specht is er voldoende nestgelegenheid beschikbaar. Naast de natuurlijke nestmogelijkheden zijn er ook veel nestkasten geplaatst. In combinatie met een ruim voedselaanbod aan insecten, floreert de pimpelmees in stedelijke omgevingen. Deze vogel zoekt onder meer naar larven van kleine vliegen en sluipwespen die in/op korstmossen leven. 

Mijten die specifiek leven op de paarse eikenschorszwam

De paarse eikenschorszwam (Peniophora quercina) komt vooral veel voor op dode, nog aan de boom zittende eikentakken, in bossen en parken. Meerdere exemplaren groeien aaneen tot een korstige laag. Bij opdrogen of verouderen wordt de kleur rossig of lila-grijs. In verse toestand is de paarse eikenschorszwam donkerpaars met rode tonen. In dit stadium op de foto worden er sporen ontwikkeld en verspreid. Ik had een paar kleine stukjes eikentak die op de grond lagen, meegenomen, nieuwsgierig naar wat de pimpelmezen nu precies vinden aan larven om te eten. Ik vond tussen de korstmossen niets. Maar op paarse eikenschorszwam vond ik wel deze mijten. De mijten zijn heel klein +/- 0,025 mm. Ze grazen in groepjes de paarse eikenschorszwam af maar dat lijkt weinig schade aan de paarse eikenschorszwam te geven. Het lukt mij niet om de mijten te determineren. Er zijn zo’n +/- 45.000 mijten beschreven en waarschijnlijk nog veel onbeschreven. Wel duidelijk is dat deze mijt voorkeur heeft voor de paarse eikenschorszwam. Als iemand de mijt wel herkent, hoor ik het graag.

Houtduif

De houtduif (Columba palumbus) is de grootste en ook de meest voorkomende duif van Nederland. Je ziet de houtduif vaak in steden, o.a. in tuinen en parken. In de Ruigte broedt een koppel houtduiven elk jaar bij de Oude Sloot. Meerdere bomen in De Ruigte zijn begroeid met klimop. Zolang de klimop zich beperkt tot de stam van de boom, heeft de boom er weinig last van. Ik heb al eerder verteld hoe belangrijk de klimop is voor insecten vanwege zijn late bloei. Als nestlocatie is de klimop gewild bij vele vogels, maar vooral bij de houtduiven. Rijpe bessen van de klimop zijn gewild onder merels en deze houtduiven. De houtduiven in De Ruigte waren vroeg begonnen met het nestbouwen. De eerste eieren eind januari. Er is wat verstoring geweest door zaagwerkzaamheden. Helaas vond ik een leeg ei 1 febr. op de grond. Jammer, maar ze zijn alweer bezig met een nieuw nest bouwen. 

Aalscholver

Aalscholvers (Phalacrocorax carbo) zijn een van de oudste vogelsoorten op aarde, met eigenschappen die herinneren aan hun afkomst van dinosaurussen. Ze hebben een lange, haakvormige snavel en zwemvliezen tussen de voortenen. Aalscholvers hebben geen talgklier zoals de meeste andere watervogels, waardoor ze hun veren niet kunnen invetten. De baarden aan hun veren staan betrekkelijk ver uit elkaar, zodat binnendringend water vrij spel krijgt en alle lucht verdwijnt. Dat lijkt een behoorlijk nadeel – veel watervogels hebben juist voordeel van een goed isolerend verenpak. Aalscholvers duiken echter vaak diep en jagen langdurig achter vis aan. Doorweekt gaat dat gemakkelijker, er is dan minder opwaartse druk. Na een duik moeten ze hun veren drogen om weer te kunnen vliegen. De vleugels hebben een spanwijdte van wel 130 tot 160 cm. Op de foto staat een nog jonge aalscholver, te zien aan de borst die nog niet zwart is. Hij zit heerlijk zijn veren te poetsen op de oever.  

Kuifeend

Erg leuk om te zien dat de kuifeend (Aythya fuligula) als koppel terug is, het tweede jaar achtereen. In grote delen van Europa is de kuifeend een standvogel. Maar meer noordelijk trekt de kuifeend naar het zuiden in de winter. Vandaar dat er in de winter in Nederland meer kuifeenden zijn dan in de zomer. Ze eten waterinsecten, slakken en planten, maar het liefst eten ze driehoekmosselen. Met hun korte sterke snavel zijn ze goed in staat om deze mosselen los te maken. Het zijn hele goede duikers. De achterpoten staan verder naar achteren dan bij andere eenden. Als ze lopen doen ze dat wat rechterop zoals de aalscholver of, wat extremer, de Indische loopeend die in De Ruigte zwemt. Vorig jaar had ik de indruk dat ze gebroed hadden, maar zonder resultaat. Misschien dit jaar.

Gewone oesterzwam

De omgewaaide popelier in de Oude Sloot is voldoende met water doordrenkt om de groei van de gewone oesterzwam (Pleurotus ostreatus) tot stand te brengen, weer een prachtig gezicht.  Een zeer geliefde paddenstoel in de keuken die ook veel wordt gekweekt voor dit doel. Met kweeksetjes die verkocht worden is dit ook goed zelf te doen. Naast zijn smaak is de oesterzwam ook nog gezond: ze bevatten een lage concentratie aan lovastatine, een cholesterolverlagende stof.

Het mooie weer zorgt voor veel insectenactiviteit. De eerste citroenvlinders en hommels zijn al gespot. ’s Avonds vliegen dwergvleermuizen rond de eilanden. Best vroeg in het jaar. Nog weinig bloeiende planten in De Ruigte. Als de temperaturen zo blijven komt daar snel verandering in. Ik zal het volgen in maart.

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

– Geen toegang met auto of fiets

– Wandel over de paden

– Honden aan de lijn (drollen verwijderen)

– Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)

– Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden

– Verboden om de eilanden te betreden

– Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken

– Verboden te kamperen

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com
Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)

Contact

Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!

Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Vergeet niet de aanmelding te bevestigen!
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

1 reactie

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken