Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen). Elke maand laat ik deze diversiteit zien met een fotoverslag.
Sperwer
Gewapend met een fotorugzak, fiets ik elke zondagochtend naar De Ruigte om de SD-card en batterijen te verwisselen in de vogelzangrecorder en een rondje te lopen in de hoop iets bijzonders te zien voor een mooie foto. Deze ochtend hoefde ik voor een foto niet verder dan mijn huiskamer. Ik zie de sperwer(Accipiter nisus) vaak in De Ruigte. Ik vermoed dat deze mannetjes-sperwer al een jong heeft. De laatste tijd wordt de sperwer veel in de achtertuinen gespot. De sperwer is gespecialiseerd in het jagen op kleine zangvogels maar een turkse tortel en soms een houtduif weten ze ook wel raad mee. In het Oudhoogduits heette de vogel Sparwâri, afgeleid van sparo (Sperling = Mus) en aro (Arend). In het Engels is de naam een vergelijkbare samenstelling Sparrowhawk (mushavik), dus roofvogel (arend, havik) die op mussen jaagt. In Nederland bestaat ook de bijnaam mussenarend. Dit verklaart waarom deze sperwer op mijn fietsstuur zit. Er zitten veel huismussen in mijn voortuin.
Daslook
Elke lente kijk ik uit naar de bloei van het daslook (Allium Ursinum) aan het begin van De Ruigte. Beetje verstopt tussen twee fruitbomen en onder de walnotenboom is er een klein veldje. Met daarachter de verwilderde hyacinten (Hyacinthus orientalis). De hyacint is een bolgewas uit de aspergefamilie (Asparagaceae). De plant is afkomstig uit het oostelijke Middellandse Zeegebied (Midden-Turkije tot Libanon). Niet alleen het mooie plaatje maar ook de heerlijke lookgeur van de daslook, maakt het compleet.
De soortaanduiding ursinum (= van de beren, ursus = beer) is ontstaan door het oude bijgeloof dat beren na hun winterslaap zich aan deze daslook tegoed deden. Daslook is in het Duits Bärlauch. De bladeren worden verwerkt in salade, pesto, soepen en in kazen en brood. In Duitsland is er ook Bärlauchbrot en in Hongarije heb je rond deze tijd daslookfestivals (medvehagymafesztivál). De honing van daslook wordt in Hongarije als een delicatesse beschouwd. Hoewel de daslook zich langzaam verspreid over De Ruigte, is plukken voor eigen gebruik niet toegestaan, dan zou de verspreiding van korte duur zijn.
Goudrenet
Doorlopend kom je de volgende drie fruitbomen tegen. Ook deze staan vroeg in bloei. De goudrenet of de Schone van Boskoop heeft prachtige bloemen met een beetje crêpe-achtige bloembladeren, romig wit van kleur met een tint van roze. Helaas zijn ze nu alweer uitgebloeid. Nu is het wachten op de appels voor de appeltaart.
Gieser wildeman
Omdat het bloeien van korte duur is, zie je hier de volgende fruitboom, de gieser wildeman (Pyrus communis ‘gieser wildeman’). De stuifmeeldraden hebben dieprode helmknoppen. Vermoedelijk trekt deze rode kleur insecten aan. Hoewel de gieser wildeman tot zelfbestuiving in staat is, leidt kruisbestuiving tot een hogere productie van peren.
Lentelangpootmug
Even verder in het gras zit een zeer fraaie lentelangpootmug(Tipula vernalis)). Te zien in april, mei. Zeer slechte vlieger. Ik vermoed dat mensen daarom bang zijn voor ze. Het ongecontroleerd op iemand afvliegen doet vermoeden dat het een aanvalsstrategie is. Maar de langpootmug heeft geen angel en zelfs de kaken zijn bij de meeste soorten gereduceerd of niet meer aanwezig. In het adult stadium drinkt de lentelangpootmug nectar. Sommige langpootmuggen eten helemaal niets. De larven (emelten) zijn daartegenover zeer vraatzuchtig.
Boomblauwtje
Lopend naar de waterpomp zat het kleine boomblauwtje (Celastrina argiolus) te drinken van de vochtige grond. Metselbijen zijn hier regelmatig te observeren terwijl zij cement maken van klei in combinatie met speeksel. Al een paar weken zijn er vlinders te zien in De Ruigte. Het boomblauwtje is een voorjaarsvlinder en kent twee generaties per jaar. De eerste van april tot juni en de tweede generatie van juli tot begin september. De laatste verpopping vindt plaats in de strooisellaag of in spleten en holtes in de schors of de waardplant. In dit geval zou dat heel goed de klimop kunnen zijn. Er zijn meldingen dat poppen bezocht zouden worden door mieren, of zelfs meegenomen zouden worden naar mierennesten. Niet onbekend bij deze soort. Zo is een gentiaanblauwtje afhankelijk van en in een unieke relatie met mieren. De larven van deze gentiaanblauwtje vlinder zijn afhankelijk van mieren, omdat de larven door de mieren gevoerd worden.
Aardhommel
Na een regenbui hangt deze aardhommel (Bombus terrestris) aan een stengel op te drogen. Hommels kunnen ook bij lage temperaturen vliegen door zich eerst met spieractiviteit op te warmen. Echter eenmaal nat moeten ze toch even op de zon wachten. Naast de aardhommel komen in Nederland ook de wilgenhommel, de veldhommel en de grote veldhommel voor. Ze hebben alle vier een witte achterlijfspunt en twee gele banden. Ze zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden
Gewone komkommerspin
Ik heb deze gewone komkommerspin (Araniella cucurbitina, spin van 4 mm) niet eerder gezien. Toch komt die veel in Nederland voor. De term “gewone” verwijst dan ook naar de voorbeeldsoort binnen een groep, niet naar veel-voorkomendheid. Biologen kozen vroeger één soort per geslacht als standaard; andere soorten kregen extra kenmerken in de naam.
Deze spinnensoort behoort tot de familie Araneidae, waartoe ook de bekende kruisspinnen horen. Je kunt bij deze komkommerspin duidelijk zien dat het om een mannetje gaat. Voor de ogen en poten zie je de verdikte pedipalpen. Mannetjesspinnen hebben geen penis, maar alleen een opening in de buik waar zaad uitkomt. Het mannetje heeft dus een extra stap nodig om het sperma bij vrouwtjes op dezelfde locatie te krijgen. Daarvoor zijn deze pedipalpen (twee extra “pootjes”) aan de voorkant van zijn kop. De reden dat je de komkommerspin niet vaak ziet, is omdat ze een web hoog in struiken of bomen maken, soms op drie meter hoogte. Dit mannetje was waarschijnlijk op weg naar de volgende boom, op zoek naar een vrouwtje.
Wespspin
Als we dan toch bij spinnen zijn, hoe staat het met de wespspin (Argiope bruennichi)? Het is de tweede week van april en de eerste wespspinnen kruipen uit de cocon. Ze beginnen met het spinnen van verschillende draden naar de top van de plantenstengel. Bij verstoring, avond of met slecht weer, kruipen ze terug in de cocon. Af en toe zonnen ze. Helaas heb ik het vertrek van de wespspin nog niet mogen aanschouwen. Maar als er een wind komt te staan, klimmen ze naar de top van de stengel, maken een spindraad vast en vieren die spindraad de lucht in. Daarna springen ze bij de juiste windsnelheid de lucht in en zweven door de lucht, terwijl de spindraad nog vastzit. Zo kunnen ze meters afleggen. Dit aeronautisch gedrag wordt ballooning genoemd. Per week gaan er groepjes van 10 tot 15 jongen de wereld verkennen. Risicospreiding vindt plaats door verschil in “karakter”: dieren kunnen meer onderzoekende of verlegen karakters hebben en daardoor is er variatie in waar ze terecht komen. Waarschijnlijk is de ballooning misgegaan bij de komkommerspin, vandaar dat ik hem laag in de bramen aantrof.
Meidoorn
Over De Ruigte verspreid staat de meidoorn (Crataegus) in bloei. Het is zeker de moeite waard om te kijken welke soorten insecten daarop af komen. Dit is een aardhommel. Maar het zijn niet alleen de bijensoorten. Eigenlijk alle insecten die op stuifmeel en nectar afkomen, kun je zien op de meidoornbloemen.
Kleine pimpernel
Sinds een paar jaar bloeit er op de kruidenheuvel de kleine pimpernel (Poterium sanguisorba). De bovenste bloemen zijn vrouwelijk en de onderste mannelijk. Er zijn twee bloeiperiodes; van mei tot in juli en van augustus – september. Oorspronkelijk afkomstig uit het Middellandse Zeegebied, komt de kleine pimpernel tegenwoordig in gematigde stre-ken van Europa voor. In Nederland groeit de plant op kalkrijke bodems, zoals graslanden, dijken, rivierduinen en kalk-rijke duinen.
Kleine hageheld
Vroeg op in ochtend kwam ik deze kleine hageheld (Lasiocampa trifolii) tegen. Nog onder de dauwdruppels zag ik hem eten van een bloem. De kleine hageheld is een dagactieve nachtvlinder en hoort eigenlijk meer in zandgebieden thuis. De Kruidenheuvel vertoont aardig wat overeenkomsten met hoge temperaturen en arme bodem waardoor de kleine hageheld, net als de kleine pimpernel, zich daar thuis voelen.
Veldsla
Als we naar het begin van De Ruigte langs kruidenheuvel lopen zien we bij het jonge eikenboompje een heel veldje met veldsla (Valerianella locusta). De eenjarige plant wordt als groente geteeld. Veldsla kan zowel vers als gestoofd worden gegeten, die smaak heeft iets nootachtig.
Dit maakt het rondje Ruigte is rond. Ondanks de droogte, veel gezien deze maand. Eigenlijk is er nog veel meer te zeggen. Dat pak ik volgende maand op.
Als je niet zolang kunt wachten, is er de komende twee maanden de mogelijkheid om mee te gaan op expeditie. De Groengroep doet mee met de Expeditie Stadsnatuur. De eerste Expeditiedag in De Ruigte zal op zondag 17 mei zijn. Het doel is om in mei en juni alle soorten te registreren die te zien zijn. Daarnaast wordt vooral ook informatie gegeven over de natuurwaarde in De Ruigte. De Expeditie is bestemd voor alle leeftijden en kennis van soorten is niet noodzakelijk. Er zullen meerdere dagen georganiseerd worden. Extra spannend: ook Nachtexpedities worden georganiseerd voor de nachtvlinders en de vleermuizen. Deze zullen niet alleen te zien zijn, maar ook een hoorbaar concert geven. Meer informatie volgt!
Helaas noodzakelijke gedragsregels:
– Geen toegang met auto of fiets
– Wandel over de paden
– Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
– Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden
– Verboden om de eilanden te betreden
– Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken
– Verboden te kamperen
– Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
Algemene informatie over De Ruigte
Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com
Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)
Contact
Groengroep: DeRuigte@outlook.com Gemeente: Gerpieter Wilbrink g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071
Abonneer jezelf!
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu. Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website. Vergeet niet de aanmelding te bevestigen! Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.
Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen). Elke maand laat ik deze diversiteit zien met een fotoverslag.
Gedrongen Mollisia
Wanneer een boomstam wordt verplaatst, kan een vochtig microklimaat aan het oppervlak zichtbaar worden. Aan de onderzijde van dergelijke vermolmde stammen ontwikkelt zich de Gedrongen Mollisia (Mollisia cinerea), een schimmel die op het hout van diverse loofboomsoorten, waaronder beuk, berk, eik, hazelaar en linde, voorkomt. In uitzonderlijke gevallen wordt deze soort ook aangetroffen op naaldbomen. De Gedrongen Mollisia draagt bij aan de geleidelijke afbraak van hout. Deze schimmel wordt voornamelijk waargenomen in vochtige, natte bossen op voedselrijke en basische bodems, maar kan ook voorkomen op de onderzijde van boomstronken in grasrijke gebieden zoals De Ruigte. Het betreft een beker- tot schotelvormige zakjeszwam die vaak in grote groepen verschijnt, soms bestaande uit honderden exemplaren.
Grauwe wilg
De bloemen van de grauwe wilg (Salix cinerea) zijn geliefd bij zowel hommels als de Metselbij. De grauwe wilg groeit meestal als een struik en kan tot zes meter hoog worden, wat ze bijzonder waardevol maakt voor insecten. Rupsen van onder andere de grote weerschijnvlinder, bruine grijsbandspanner en klaverblaadje leven op deze wilg. Bovendien behoort de wilg tot de vroegbloeiers, waardoor zij een van de eerste leveranciers is met een rijke hoeveelheid aan stuifmeel en nectar. In deze maand, wanneer het mooi weer is, kun je in De Ruigte hommels en bijen zien zoeken naar rijpe bloemen in de toppen van de grauwe wilg, zoals deze gehoornde metselbij.
Gehoornde metselbij
De afgelopen weken is het niet onopgemerkt gebleven dat er veel activiteit is rond de insectenhotels. Ook bij De Ruigte was de gehoornde metselbij (Osmia cornuta) bijzonder actief. Vrouwelijke gehoornde metselbijen worden vaak gevolgd door meerdere mannetjes, die te herkennen zijn aan de witte haren op hun kop. Het is duidelijk paartijd. Na de paring blijft het mannetje nog geruime tijd op het vrouwtje zitten om de kans te vergroten dat zíj́Sleedoornn genen worden doorgegeven aan het nageslacht en niet die van een concurrent.
Sleedoorn
Wanneer men de trap naar de top van de berg volgt, treft men diverse sleedoorns (Prunus spinosa) in bloei aan. Deze struik uit de rozenfamilie (Rosaceae) bereikt een hoogte van 2 tot 6 meter en is inheems in de Benelux, waar hij voornamelijk langs bosranden groeit. Het hout van de sleedoorn staat bekend om zijn hardheid. De benaming van de heester bevat een oud woord voor pruim, “slee,” dat verwant is met het Slavische woord voor pruim. De bloemen dienen als vroege nectarbron voor insecten, hetgeen vooral van belang is voor overwinterende vlinders en motten. In De Ruigte kunnen op warme dagen citroenvlinders worden waargenomen.
Groothoefblad
Wanneer je aan de noordzijde naar beneden loopt, zie je in de kom hoe het groothoefblad (Petasites hybridus) zich boven het oppervlak ontplooit. De bloemen zijn prachtig. Je kunt de bladeren dagelijks zien groeien; ze ontwikkelen zich tot rabarberachtige proporties met geribde stelen van soms wel een meter lang en enorme bladoppervlakken tot een halve meter breed. Over enkele weken is het gebied rond de wilgenhut weer volledig bedekt met groothoefblad.
Wespspin
Aan het einde van maart bevinden we ons weer bij de berg. De cocons van de wespspin (Argiope bruennichi) zijn op dit moment nog gesloten. Zoals eerder vermeld in november zijn de jongen uit het ei gekropen en verblijven zij momenteel in de cocon. De jonge wespspinnen zitten nu al vijf maanden zonder voeding in deze cocon. Desondanks groeien de jonge wespspinnen enigszins: momenteel zijn ze ongeveer 1,8 mm groot, staan ze stevig op hun poten en zijn ook de ogen verder ontwikkeld. Wanneer een opening in de cocon wordt gemaakt, sluiten meerdere jonge spinnen deze veelal gezamenlijk af. In één cocon kunnen zich meer dan honderd jongen bevinden; in de cocons van De Ruigte zijn dat er doorgaans maximaal dertig. Ik kijk uit naar april, wanneer de jonge wespspinnen naar buiten zullen komen.
IJsvogel
Terug op de zuidzijde van de “berg” constateerde ik dit jaar tot mijn genoegen dat de ijsvogels (Alcedo atthis) actief waren bij de ijsvogelwal met het bouwen van nesten. Twee koppels waren al vergevorderd in het nestproces, terwijl een derde koppel nog op zoek was naar een geschikte locatie. Vanaf de vogelkijkwal bood zich een uitstekend uitzicht op deze activiteiten. Op deze bijzonder mistige ochtend werd het vrouwtje ijsvogel net afgelost door het mannetje, zodat zij haar vleugels kon strekken en voedsel kon zoeken. De ijsvogel is goed te herkennen aan het opvallende contrast tussen zijn blauwe bovendelen en oranje onderdelen, maar staat ook bekend als een schuwe soort die zich zelden laat zien. Binnen Europa is dit de enige ijsvogelsoort die zo noordelijk voorkomt, waaronder in Nederland en België.
IJsvogel 2
De Nederlandse naam ‘ijsvogel’ is mogelijk een verbastering van het Germaanse ‘eisenvogel’, wat ‘ijzervogel’ betekent. Deze benaming verwijst naar de metaalachtige glans van het blauwe verenkleed. Een andere verklaring is dat de ijsvogel in de winter vaak wordt waargenomen bij open water in het ijs. Zachte winters dragen bij aan hogere aantallen ijsvogels. Tijdens strenge en langdurige vorst heeft de ijsvogel echter moeite met het vinden van voedsel, omdat hij niet verder naar het zuiden migreert en daardoor genoodzaakt is de kou uit te zitten. In strenge winters sterft een aanzienlijk deel van de populatie. Het betreft hier het mannetje van een ijsvogelkoppel, dat zichtbaar geniet van de opkomende zon.
Ondanks pogingen om wandelaars, spelende kinderen en vooral zwemmende honden langs de oever te weren, worden de nesten helaas regelmatig verstoord door deze activiteiten. Ook is de recorder aan de oever al meerdere keren doelbewust beschadigd en deze keer zelfs met grof geweld vernield, terwijl die essentieel is voor de analyse van vogel- en vleermuisgeluiden waarmee de waarde van De Ruigte wordt ondersteund. Dit tast niet alleen het onderzoek aan, maar ook de inzet van de vrijwilligers die het gebied onderhouden. Het zou fijn zijn als we gezamenlijk een oogje in het zeil houden. Als je iets verdachts ziet of merkt dat er iets beschadigd raakt, spreek iemand aan als dat veilig voelt. Meld het met een foto naar de app Zo Gemeld of een mail naar De Ruigte. Met elkaar kunnen we voorkomen dat een paar mensen afbreuk doen aan wat velen hier koesteren.
Het is belangrijk te benadrukken dat de ijsvogel slechts één van de vele vogelsoorten is die in de stad leven en De Ruigte gebruiken als plek om te foerageren, rusten of broeden. Dit gebied is essentieel voor de biodiversiteit in de stad. De gemeente Leiden investeert niet langer in informatieborden bij parken, dus neemt de Groengroep het initiatief over. Met toestemming van de gemeente wordt er een nieuw informatiebord geplaatst. Hopelijk zorgt dit voor meer duidelijkheid over het gebruik van De Ruigte voor bezoekers, zowel met als zonder huisdieren.
Een van de informatiedocumenten gaat over de verbinding tussen De Ruigte en het buitengebied. Het spoor naar Cronesteyn is aan beide zijden afgezet met groene spoordijken. Ondanks de bruggen en het station Lammenschans is er een groene strook van minstens 15 tot 20 meter breed, waardoor dit een sterke ecologische verbinding biedt naar het centrum van Leiden, zelfs lopend voor landdieren.
Ik kijk uit naar het verdere verloop van het voorjaar in De Ruigte en ben benieuwd wat voor een verassingen waar te nemen zijn.
Helaas noodzakelijke gedragsregels:
– Geen toegang met auto of fiets
– Wandel over de paden
– Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
– Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden
– Verboden om de eilanden te betreden
– Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken
Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu. Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website. Vergeet niet de aanmelding te bevestigen! Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.
Topaz bereidt momenteel de herontwikkeling van locatie Groenhoven aan de Witte Rozenstraat voor. Eén van de eerste stappen in dit proces is de bouw van de nieuwe huisartsenpost op ons terrein.
Voor deze bouwactiviteit moeten drie bomen worden verwijderd. Deze bomen staan precies op de plek waar de nieuwe aanbouw gepland is. Topaz had een kapvergunning voor deze bomen aangevraagd. Na overleg met de gemeente Leiden is beoordeeld dat een kapvergunning hiervoor niet noodzakelijk is. De vergunningsaanvraag hebben wij daarom weer ingetrokken. De drie bomen worden binnenkort gekapt.
Bij de herontwikkeling van het gehele terrein – inclusief de nieuwe stadsvilla en het nieuwe verpleeghuis – wordt veel aandacht besteed aan groen. Onze landschapsarchitect heeft hiervoor een ontwerp gemaakt waarin onder andere vijftien nieuwe bomen zijn opgenomen. Daarmee zorgen we voor passende herbeplanting en behoud van het groene karakter van de omgeving.
Met vriendelijke groet,
Topaz
Positie bomen (bij benadering) binnen bouwvlak (oranje kader).
Graag wil ik jullie attenderen op een nieuwe expositie met Catharina Dhaen en Tosja van Lieshout bij Yellow Gallery in Leiden. Deze vrijdag 13 maart gaat deze expositie van start, de opening is van 17:00-20:00. U bent van harte welkom!
Catharina Dhaens(1992) werk vertrekt vanuit het principe van de ouroboros, het oeroude symbool van eeuwige wederkeer. Door haar eigen schilderijen steeds opnieuw te overschilderen, ontstaan gelaagde composities waarin verleden en heden samenvallen. Haar doeken functioneren als oneindige beeldvelden waarin laag op laag wordt toegewerkt naar een tijdelijk moment van harmonie — het punt waarop de cirkel zich sluit, zonder ooit definitief te eindigen.
Tosja van Lieshout (1999) laat zich leiden door natuurlijke processen en de cyclus van ontstaan, vergankelijkheid en wedergeboorte. Haar recente residentie in Japan heeft haar beeldtaal verdiept: figuratie, abstractie en kleur vinden een subtiel evenwicht, terwijl Oosterse percepties van ruimte, stilte en ritme resoneren in haar composities. Het resultaat is een open beeldruimte waarin natuur en menselijke ervaring samenvloeien.
Praktische informatie:
Opening vrijdag 13 maart: 5-8 PM
Zaterdag 14 maart: 2-5 PM
Zondag 15 maart: 2-5 PM
Locatie: Yellow Gallery, Jan van Goyenkade 44, Leiden.Miranda en ik verwelkomen je graag, tot vrijdag of in het weekend!
KOMT ALLEN! Inloop vanaf 19:45 uur. Aansluitend aan de vergadering zal Hans Könemann samen met u in de geschiedenis duiken van de Rijn en Schiekade. Vervolgens is er nog kort gelegenheid om even na te praten onder het genot van een drankje.
Februari brengt nog altijd winterse kou, dus ik begin graag met een typische winterpaddenstoel: de donsvoetbundelzwam(Meottomyces dissimulans). Deze soort verschijnt van november tot en met februari op dode bladeren, stukken hout en kleine takjes van loofbomen. Hij wordt het meest gevonden onder populieren, maar er zijn ook meldingen van groei onder es, esdoorn, linde, wilg en els, vooral in De Ruigte bij de takkenwal waar genoeg oude bladeren en takken liggen. De hoed van jonge exemplaren is donkerbruin en kan later verkleuren naar lichtbruin of grijs.
Purperkorstzwam
De purperkorstzwam (Chondrostereum purpureum) is een schimmel die visueel overeenkomsten vertoont met het elfenbankje, maar zich onderscheidt door een paarse kleur en witte rand. De randen zijn golvend en bezet met een witte, donzige beharing. De onderzijde van de zwam is glad en varieert van donkerbruin tot bruin-violet. Deze soort komt voor als saprofyt op dood hout van diverse loofbomen en als parasiet op levende bomen en struiken uit de rozenfamilie. De purperkorstzwam veroorzaakt loodglansziekte bij vruchtbomen, waaronder de pruim en kers, waarbij de aangetaste boom uiteindelijk het leven laat. Om deze reden wordt deze schimmel ingezet bij de bestrijding van invasieve soorten, specifiek ter controle van de Amerikaanse vogelkers.
Pimpelmees
In tegenstelling tot het najaar zijn er nu groepjes vogels van één soort te zien, aangezien het broedseizoen nadert. Vooral in de Ruigte valt dit goed op bij bijvoorbeeld de pimpelmees (Cyanistes caeruleus). Zowel de pimpelmees als de koolmees zijn typische bosvogels, wat duidelijk zichtbaar is aan hun geelgroene verenkleed. Wanneer deze vogels op zoek zijn naar voedsel op een met gele korstmos en groene mossen begroeide eikentak, biedt het verenkleed van de pimpelmees uitstekende camouflage. De meeste vogels nemen kleuren waar zoals mensen dat doen, maar met een extra gevoeligheid voor het ultraviolet (UV) spectrum. In het UV-spectrum verschijnen de gele, groene en blauwe tinten van de pimpelmees veel intenser. Vrouwtjes geven vaak de voorkeur aan mannetjes met een grotere en intensere blauwe kruin in het UV-spectrum, wat mogelijk duidt op een hogere fitness van het mannetje. Opmerkelijk is dat roofvogels, die op deze kleine vogels jagen, geen UV-zicht hebben.
Pimpelmees (2)
Steden, met hun bomen langs straten en in parken, vormen een redelijk alternatief voor het krimpende natuurlijke leefgebied. De aanpassingscapaciteit van de pimpelmees is aanzienlijk; deze soort kan dan ook tot de stadsvogels worden gerekend. Dankzij holle bomen en de aanwezigheid van broedvogels als de grote bonte specht is er voldoende nestgelegenheid beschikbaar. Naast de natuurlijke nestmogelijkheden zijn er ook veel nestkasten geplaatst. In combinatie met een ruim voedselaanbod aan insecten, floreert de pimpelmees in stedelijke omgevingen. Deze vogel zoekt onder meer naar larven van kleine vliegen en sluipwespen die in/op korstmossen leven.
Mijten die specifiek leven op de paarse eikenschorszwam
De paarse eikenschorszwam (Peniophora quercina) komt vooral veel voor op dode, nog aan de boom zittende eikentakken, in bossen en parken. Meerdere exemplaren groeien aaneen tot een korstige laag. Bij opdrogen of verouderen wordt de kleur rossig of lila-grijs. In verse toestand is de paarse eikenschorszwam donkerpaars met rode tonen. In dit stadium op de foto worden er sporen ontwikkeld en verspreid. Ik had een paar kleine stukjes eikentak die op de grond lagen, meegenomen, nieuwsgierig naar wat de pimpelmezen nu precies vinden aan larven om te eten. Ik vond tussen de korstmossen niets. Maar op paarse eikenschorszwam vond ik wel deze mijten. De mijten zijn heel klein +/- 0,025 mm. Ze grazen in groepjes de paarse eikenschorszwam af maar dat lijkt weinig schade aan de paarse eikenschorszwam te geven. Het lukt mij niet om de mijten te determineren. Er zijn zo’n +/- 45.000 mijten beschreven en waarschijnlijk nog veel onbeschreven. Wel duidelijk is dat deze mijt voorkeur heeft voor de paarse eikenschorszwam. Als iemand de mijt wel herkent, hoor ik het graag.
Houtduif
De houtduif(Columba palumbus) is de grootste en ook de meest voorkomende duif van Nederland. Je ziet de houtduif vaak in steden, o.a. in tuinen en parken. In de Ruigte broedt een koppel houtduiven elk jaar bij de Oude Sloot. Meerdere bomen in De Ruigte zijn begroeid met klimop. Zolang de klimop zich beperkt tot de stam van de boom, heeft de boom er weinig last van. Ik heb al eerder verteld hoe belangrijk de klimop is voor insecten vanwege zijn late bloei. Als nestlocatie is de klimop gewild bij vele vogels, maar vooral bij de houtduiven. Rijpe bessen van de klimop zijn gewild onder merels en deze houtduiven. De houtduiven in De Ruigte waren vroeg begonnen met het nestbouwen. De eerste eieren eind januari. Er is wat verstoring geweest door zaagwerkzaamheden. Helaas vond ik een leeg ei 1 febr. op de grond. Jammer, maar ze zijn alweer bezig met een nieuw nest bouwen.
Aalscholver
Aalscholvers (Phalacrocorax carbo) zijn een van de oudste vogelsoorten op aarde, met eigenschappen die herinneren aan hun afkomst van dinosaurussen. Ze hebben een lange, haakvormige snavel en zwemvliezen tussen de voortenen. Aalscholvers hebben geen talgklier zoals de meeste andere watervogels, waardoor ze hun veren niet kunnen invetten. De baarden aan hun veren staan betrekkelijk ver uit elkaar, zodat binnendringend water vrij spel krijgt en alle lucht verdwijnt. Dat lijkt een behoorlijk nadeel – veel watervogels hebben juist voordeel van een goed isolerend verenpak. Aalscholvers duiken echter vaak diep en jagen langdurig achter vis aan. Doorweekt gaat dat gemakkelijker, er is dan minder opwaartse druk. Na een duik moeten ze hun veren drogen om weer te kunnen vliegen. De vleugels hebben een spanwijdte van wel 130 tot 160 cm. Op de foto staat een nog jonge aalscholver, te zien aan de borst die nog niet zwart is. Hij zit heerlijk zijn veren te poetsen op de oever.
Kuifeend
Erg leuk om te zien dat de kuifeend(Aythya fuligula) als koppel terug is, het tweede jaar achtereen. In grote delen van Europa is de kuifeend een standvogel. Maar meer noordelijk trekt de kuifeend naar het zuiden in de winter. Vandaar dat er in de winter in Nederland meer kuifeenden zijn dan in de zomer. Ze eten waterinsecten, slakken en planten, maar het liefst eten ze driehoekmosselen. Met hun korte sterke snavel zijn ze goed in staat om deze mosselen los te maken. Het zijn hele goede duikers. De achterpoten staan verder naar achteren dan bij andere eenden. Als ze lopen doen ze dat wat rechterop zoals de aalscholver of, wat extremer, de Indische loopeend die in De Ruigte zwemt. Vorig jaar had ik de indruk dat ze gebroed hadden, maar zonder resultaat. Misschien dit jaar.
Gewone oesterzwam
De omgewaaide popelier in de Oude Sloot is voldoende met water doordrenkt om de groei van de gewone oesterzwam(Pleurotus ostreatus) tot stand te brengen, weer een prachtig gezicht. Een zeer geliefde paddenstoel in de keuken die ook veel wordt gekweekt voor dit doel. Met kweeksetjes die verkocht worden is dit ook goed zelf te doen. Naast zijn smaak is de oesterzwam ook nog gezond: ze bevatten een lage concentratie aan lovastatine, een cholesterolverlagende stof.
Het mooie weer zorgt voor veel insectenactiviteit. De eerste citroenvlinders en hommels zijn al gespot. ’s Avonds vliegen dwergvleermuizen rond de eilanden. Best vroeg in het jaar. Nog weinig bloeiende planten in De Ruigte. Als de temperaturen zo blijven komt daar snel verandering in. Ik zal het volgen in maart.
Helaas noodzakelijke gedragsregels:
– Geen toegang met auto of fiets
– Wandel over de paden
– Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
– Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
– Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden
– Verboden om de eilanden te betreden
– Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken
– Verboden te kamperen
Algemene informatie over De Ruigte
Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu. Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website. Vergeet niet de aanmelding te bevestigen! Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.