Tagarchief: De Ruigte

Visuele toer door De Ruigte: februari 2026

Donsvoetbundelzwam

Februari brengt nog altijd winterse kou, dus ik begin graag met een typische winterpaddenstoel: de donsvoetbundelzwam (Meottomyces dissimulans). Deze soort verschijnt van november tot en met februari op dode bladeren, stukken hout en kleine takjes van loofbomen. Hij wordt het meest gevonden onder populieren, maar er zijn ook meldingen van groei onder es, esdoorn, linde, wilg en els, vooral in De Ruigte bij de takkenwal waar genoeg oude bladeren en takken liggen. De hoed van jonge exemplaren is donkerbruin en kan later verkleuren naar lichtbruin of grijs.

Purperkorstzwam

De purperkorstzwam (Chondrostereum purpureum) is een schimmel die visueel overeenkomsten vertoont met het elfenbankje, maar zich onderscheidt door een paarse kleur en witte rand. De randen zijn golvend en bezet met een witte, donzige beharing. De onderzijde van de zwam is glad en varieert van donkerbruin tot bruin-violet. Deze soort komt voor als saprofyt op dood hout van diverse loofbomen en als parasiet op levende bomen en struiken uit de rozenfamilie. De purperkorstzwam veroorzaakt loodglansziekte bij vruchtbomen, waaronder de pruim en kers, waarbij de aangetaste boom uiteindelijk het leven laat. Om deze reden wordt deze schimmel ingezet bij de bestrijding van invasieve soorten, specifiek ter controle van de Amerikaanse vogelkers.

Pimpelmees

In tegenstelling tot het najaar zijn er nu groepjes vogels van één soort te zien, aangezien het broedseizoen nadert. Vooral in de Ruigte valt dit goed op bij bijvoorbeeld de pimpelmees (Cyanistes caeruleus). Zowel de pimpelmees als de koolmees zijn typische bosvogels, wat duidelijk zichtbaar is aan hun geelgroene verenkleed. Wanneer deze vogels op zoek zijn naar voedsel op een met gele korstmos en groene mossen begroeide eikentak, biedt het verenkleed van de pimpelmees uitstekende camouflage. De meeste vogels nemen kleuren waar zoals mensen dat doen, maar met een extra gevoeligheid voor het ultraviolet (UV) spectrum. In het UV-spectrum verschijnen de gele, groene en blauwe tinten van de pimpelmees veel intenser. Vrouwtjes geven vaak de voorkeur aan mannetjes met een grotere en intensere blauwe kruin in het UV-spectrum, wat mogelijk duidt op een hogere fitness van het mannetje. Opmerkelijk is dat roofvogels, die op deze kleine vogels jagen, geen UV-zicht hebben.

Pimpelmees (2)

Steden, met hun bomen langs straten en in parken, vormen een redelijk alternatief voor het krimpende natuurlijke leefgebied. De aanpassingscapaciteit van de pimpelmees is aanzienlijk; deze soort kan dan ook tot de stadsvogels worden gerekend. Dankzij holle bomen en de aanwezigheid van broedvogels als de grote bonte specht is er voldoende nestgelegenheid beschikbaar. Naast de natuurlijke nestmogelijkheden zijn er ook veel nestkasten geplaatst. In combinatie met een ruim voedselaanbod aan insecten, floreert de pimpelmees in stedelijke omgevingen. Deze vogel zoekt onder meer naar larven van kleine vliegen en sluipwespen die in/op korstmossen leven. 

Mijten die specifiek leven op de paarse eikenschorszwam

De paarse eikenschorszwam (Peniophora quercina) komt vooral veel voor op dode, nog aan de boom zittende eikentakken, in bossen en parken. Meerdere exemplaren groeien aaneen tot een korstige laag. Bij opdrogen of verouderen wordt de kleur rossig of lila-grijs. In verse toestand is de paarse eikenschorszwam donkerpaars met rode tonen. In dit stadium op de foto worden er sporen ontwikkeld en verspreid. Ik had een paar kleine stukjes eikentak die op de grond lagen, meegenomen, nieuwsgierig naar wat de pimpelmezen nu precies vinden aan larven om te eten. Ik vond tussen de korstmossen niets. Maar op paarse eikenschorszwam vond ik wel deze mijten. De mijten zijn heel klein +/- 0,025 mm. Ze grazen in groepjes de paarse eikenschorszwam af maar dat lijkt weinig schade aan de paarse eikenschorszwam te geven. Het lukt mij niet om de mijten te determineren. Er zijn zo’n +/- 45.000 mijten beschreven en waarschijnlijk nog veel onbeschreven. Wel duidelijk is dat deze mijt voorkeur heeft voor de paarse eikenschorszwam. Als iemand de mijt wel herkent, hoor ik het graag.

Houtduif

De houtduif (Columba palumbus) is de grootste en ook de meest voorkomende duif van Nederland. Je ziet de houtduif vaak in steden, o.a. in tuinen en parken. In de Ruigte broedt een koppel houtduiven elk jaar bij de Oude Sloot. Meerdere bomen in De Ruigte zijn begroeid met klimop. Zolang de klimop zich beperkt tot de stam van de boom, heeft de boom er weinig last van. Ik heb al eerder verteld hoe belangrijk de klimop is voor insecten vanwege zijn late bloei. Als nestlocatie is de klimop gewild bij vele vogels, maar vooral bij de houtduiven. Rijpe bessen van de klimop zijn gewild onder merels en deze houtduiven. De houtduiven in De Ruigte waren vroeg begonnen met het nestbouwen. De eerste eieren eind januari. Er is wat verstoring geweest door zaagwerkzaamheden. Helaas vond ik een leeg ei 1 febr. op de grond. Jammer, maar ze zijn alweer bezig met een nieuw nest bouwen. 

Aalscholver

Aalscholvers (Phalacrocorax carbo) zijn een van de oudste vogelsoorten op aarde, met eigenschappen die herinneren aan hun afkomst van dinosaurussen. Ze hebben een lange, haakvormige snavel en zwemvliezen tussen de voortenen. Aalscholvers hebben geen talgklier zoals de meeste andere watervogels, waardoor ze hun veren niet kunnen invetten. De baarden aan hun veren staan betrekkelijk ver uit elkaar, zodat binnendringend water vrij spel krijgt en alle lucht verdwijnt. Dat lijkt een behoorlijk nadeel – veel watervogels hebben juist voordeel van een goed isolerend verenpak. Aalscholvers duiken echter vaak diep en jagen langdurig achter vis aan. Doorweekt gaat dat gemakkelijker, er is dan minder opwaartse druk. Na een duik moeten ze hun veren drogen om weer te kunnen vliegen. De vleugels hebben een spanwijdte van wel 130 tot 160 cm. Op de foto staat een nog jonge aalscholver, te zien aan de borst die nog niet zwart is. Hij zit heerlijk zijn veren te poetsen op de oever.  

Kuifeend

Erg leuk om te zien dat de kuifeend (Aythya fuligula) als koppel terug is, het tweede jaar achtereen. In grote delen van Europa is de kuifeend een standvogel. Maar meer noordelijk trekt de kuifeend naar het zuiden in de winter. Vandaar dat er in de winter in Nederland meer kuifeenden zijn dan in de zomer. Ze eten waterinsecten, slakken en planten, maar het liefst eten ze driehoekmosselen. Met hun korte sterke snavel zijn ze goed in staat om deze mosselen los te maken. Het zijn hele goede duikers. De achterpoten staan verder naar achteren dan bij andere eenden. Als ze lopen doen ze dat wat rechterop zoals de aalscholver of, wat extremer, de Indische loopeend die in De Ruigte zwemt. Vorig jaar had ik de indruk dat ze gebroed hadden, maar zonder resultaat. Misschien dit jaar.

Gewone oesterzwam

De omgewaaide popelier in de Oude Sloot is voldoende met water doordrenkt om de groei van de gewone oesterzwam (Pleurotus ostreatus) tot stand te brengen, weer een prachtig gezicht.  Een zeer geliefde paddenstoel in de keuken die ook veel wordt gekweekt voor dit doel. Met kweeksetjes die verkocht worden is dit ook goed zelf te doen. Naast zijn smaak is de oesterzwam ook nog gezond: ze bevatten een lage concentratie aan lovastatine, een cholesterolverlagende stof.

Het mooie weer zorgt voor veel insectenactiviteit. De eerste citroenvlinders en hommels zijn al gespot. ’s Avonds vliegen dwergvleermuizen rond de eilanden. Best vroeg in het jaar. Nog weinig bloeiende planten in De Ruigte. Als de temperaturen zo blijven komt daar snel verandering in. Ik zal het volgen in maart.

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

– Geen toegang met auto of fiets

– Wandel over de paden

– Honden aan de lijn (drollen verwijderen)

– Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)

– Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden

– Verboden om de eilanden te betreden

– Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken

– Verboden te kamperen

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com
Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)

Contact

Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!

Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Vergeet niet de aanmelding te bevestigen!
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte: januari 2026

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  Elke maand laat ik deze diversiteit zien met een fotoverslag.

De Ruigte

Je begint net te merken dat de dagen langer worden en dan laat januari zien dat het winter is. Met vorst en zelfs met een paar dagen sneeuw. Voor het grootste deel is de natuur in rust. Een mooi moment voor kinderen om van de Berg af te sleeën, sneeuwpoppen en sneeuwhutten te bouwen.

Ijsnaalden

Bij de Oude Sloot groeide een paar vierkante meter ijsnaalden. Altijd een fraai gezicht. 

Na de Oud- en Nieuwjaarsviering begon op 5 januari het baggeren en de snoei-activiteiten. In deze weersomstandigheden zijn gebieden als De Ruigte belangrijk voor dieren om in alle rust te kunnen schuilen. Zo veel mogelijk energie besparen, en alleen als het nodig is op zoek naar voedsel.  Mijn angst was dan ook dat we een aantal soorten die op de eilanden zitten, zouden verjagen door het baggeren en snoeien.  Dan denk ik vooral aan de schichtige soorten als de roerdomp, waterral en het woudaapje. Echter, als ik mijn geluidsbestanden bekijk van deze periode blijkt dat de week van oud en nieuw veel luidruchtiger was door het vuurwerk waardoor er toen slechts 47 soorten geregistreerd zijn. Ook de overvliegende soorten mijden Leiden rond 31 december. Er waren ook nauwelijks vogels die van zich laten horen. Zeker de roerdomp, waterral en het woudaapje hielden zich stil.

Zuidelijke doorgang

In de week na oud en nieuw begonnen langzaam de roerdomp, waterral en het woudaapje weer van zich te laten horen. In de week na 5 jan was het aantal geregistreerde soorten weer terug op het gemiddelde van 73 vogelsoorten, wat voor de winter normaal is. Vooral de uilen waren zeer actief in de nacht. Waarschijnlijk waren de knaagdieren op de kale stukken makkelijk zichtbaar. Ook meerdere roofvogels zoals sperwer en torenvalk waren aanwezig. Mijn angst was ongegrond. In tegendeel, het baggeren en rooien van de bomen bleek veel mindere verstorend dan de oud en nieuwviering. Het baggeren was ook klaar binnen de afgesproken twee weken. Meer gelaagdheid aan de oevers en ondiepe water wateren tussen de eilanden, moet meer diversiteit geven aan planten en ook dieren. Ik geef toe, de kaalslag is even schrikken, maar ik garandeer dat het zo weer aangegroeid is. Nu het baggeren en rooien van bomen klaar is, blijven oevervogels nu al langer. Dat is het doel ook. Het riet langs de eilanden zal door de gemeente met het jaarlijkse maaien meegenomen worden. De Groengroep gaat zich inzetten voor het terugdringen van opkomende boompjes en bramen zodat de gelaagdheid van de oevers blijft.

Noordelijke doorgang naar De Ruigte

Weinig wind, laagstaande voorjaarszon met uitzicht op De Ruigte. Onwerkelijk gevoel dat ik midden in de stad dobber. Ik ervaar rust maar mijn aanwezigheid verstoort wel de rust van de eilanden. De oevervogels laten zich niet zien. Ik zal zeker in de toekomst een wildcamera gaan plaatsen om beelden van de verschillende soorten te delen.

Ekster

Dobberend in mijn kajak, zag ik in de top van een populier meer dan 36 eksters. Enorm spektakel en kabaal. Deze happening gebeurt elk voorjaar, in dezelfde week als vorig jaar en ook weer op zondag. Toeval? Bijzonder om mee te maken. Ook Darwin was hier getuige van en beschreef deze gebeurtenis als “marriage meeting”.  Alle eksters van de omgeving laten hun jongen of singles kennismaken met soortgenoten om koppels te vormen. Deze happening duurde niet heel lang. Meestal blijven eksters hun leven lang bij elkaar als ze een koppel hebben gevormd. Ze maken in het voorjaar meerdere nesten en uiteindelijk kiezen ze er één. Oude of niet gebruikte nesten worden benut door bosuilen of andere vogels.

Reiger

Het baggeren joeg vogels niet uit De Ruigte maar sommigen verplaatsten zich wel naar het park. Ik heb een paar dagen geprobeerd een watersnip op de foto te krijgen die langs de kanten zijn eten bij elkaar scharrelde. Maar hij voelde zich veiliger in de braamstruiken die mij op afstand hielden. De reiger (Ardeidae) had er duidenlijk minder problemen mee om op de foto gaan en deed zijn voordeel aan de verstoorde vissen.

Korstmossen

Bij de ingang van de vogelkijkwand is de bagger aan land gebracht. Hiervoor moest helaas een tak van de eik verwijderd worden.  Op deze oude takken groeien vaak verschilllende soorten korstmossen, zoals op de foto te zien is. De naam ‘korstmos’ is verwarrend, want in tegenstelling tot mossen zijn korstmossen geen planten. Het zijn namelijk schimmels, gisten, algen of blauwalgen, of beiden samen, die deze verschijning vormen. De algen maken door fotosynthese suiker aan, die ze delen met de schimmel en gisten voor energie. In ruil daarvoor geeft de schimmel de algen water en voedingsstoffen. De schimmels beschermen de algen. Ook de gisten vormen een bescherming tegen vijanden en concurrentie. Gewone haarmos aan de rand is wel een plant, samen met de gele trilzwam zijn het ook liefhebbers van dit soort biotopen. De tak ligt op de top van de Berg. Gebruik je smartphone als vergrootglas en beleef deze wereld.

Wit schotelkorst en groot dooiermos

Wit schotelkorst (Lecanora chlarotera) en groot dooiermos (Xanthoria parietina). Plaats in deze foto een nemo visje en het is net een zeeaquarium waar je naar kijkt. Dat is dus niet raar als je beseft dat het algen zijn. 

Korstmossen zijn in het algemeen gevoelig voor klimaatverandering en luchtvervuiling. Daarom worden ze gebruikt als indicatoren voor luchtvervuiling. Het wel of niet aanwezig zijn van bepaalde soorten zegt iets over luchtkwaliteit. In de Ruigte zijn meer de stikstof/ammoniak  minnende soorten. Hoe geler het groot dooiermos, hoe zuurder het is en hoe meer stikstof/ammoniak in de lucht. De gele kleurstof parietinezuur werd vroeger wel gebruikt als verfstof. Deze gele kleurstof wordt bloedrood wanneer deze in aanraking komt met een sterke base.

Hazelaar

De hazelaar (Corylus avellana) is een ‘naaktbloeier’: de plant bloeit als deze nog geen bladeren heeft. Aan de hazelaar zitten de mannelijke en vrouwelijke bloemen apart. De vrouwelijke bloemen zitten met drie tot vier stuks in een klein knopje bij elkaar. Een heel klein bloempje dat alleen de rode stijlen met de stempels laat zien. Ze beginnen nu te bloeien.

Hazelaar (2)

De hazelaar (Corylus avellana)  is voor de bestuiving afhankelijk van de wind, want de nectar- en stuifmeelminnende insecten zijn nog in rust. De mannelijke bloemen zitten zoals we noemen in de katjes en zijn al in de zomer aanwezig in de oksels van de bladeren. Ze gaan pas bloeien in januari. Vorig jaar november, na een korte vorstperiode, waren de eersten al gaan bloeien. Jammer, want dat zullen geen hazelnoten worden. Gelukkig zijn er nog genoeg over.

Braamblad

De winterrust, baggeren en door een drukke maand is de toer ietsje korter. Voor een bezoek aan De Ruigte kun je nu het beste schoenen aantrekken die wat modder kunnen hebben. Het vervoer van de bagger heeft wat schade achtergelaten. Blijf op de paden, dan herstelt het groen het snelst. 

De lijst van vogels en vleermuizen die De Ruigte bezoeken van het laatste halfjaar 2025 is toegevoegd. Er zitten een paar bijzondere vogels tussen. Dit zijn vogels die overvliegen, bijvoorbeeld een zwarte specht. Die komen niet in Leiden voor maar wel in de buurt. Meestal controleer ik of er meer waarnemingen op die dag in de buurt of buiten Leiden zijn gedaan. In de winter maken vogels ook minder geluid. Er kunnen soorten aanwezig zijn die niet in de registratie zitten. De lijst wordt gemaakt door elke dag elk uur een halfuur geluiden op te nemen op 192 KHz. Deze data worden geanalyseerd met BirdNet. De vleermuizen worden handmatig gedaan. Ook nu weer zijn de data van drie weken niet geheel compleet omdat er geknoeid is met de opnamerecorder.

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

– Geen toegang met auto of fiets

– Wandel over de paden

– Honden aan de lijn (drollen verwijderen)

– Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)

– Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden

– Verboden om de eilanden te betreden

– Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken

– Verboden te kamperen

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com
Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)

Contact

Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!

Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Vergeet niet de aanmelding te bevestigen!
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

3 reacties

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte – december 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  Elke maand laat ik deze diversiteit zien met een fotoverslag.

De Ruigte

December wordt langzaam kouder, vaker mistig en vochtiger.  De struiken en bomen, ontdaan van blad, bieden weinig beschutting voor de vogels. Alleen de mezen, winterkoning en roodborst zijn nog te zien. Daarnaast scharrelen de merels, gaai, ekster en kraaien op de grond op zoek naar voedsel. Vooral op de “Kruidenheuvel” wordt het mos door de kraaien en eksters omgespit op zoek naar insecten. De bladeren en takken op de grond worden langzaam omgezet tot voedingstoffen, terug de aarde in voor de groei volgend jaar. Ik neem jullie mee naar een ander deel van De Ruigte, ‘het verborgen bos’.

Spoorzoeken

Als je inzoomt op takken, bast van bomen of de bladeren op de grond, kom je in een andere wereld. Als ik mensen spreek over De Ruigte is een veel gemaakte opmerking: als ik door De Ruigte loop zie ik niets! Soms ligt dat aan het tijdstip of het is toeval. Maar nu is ook wat te zien is heel klein. Om een indruk te geven, het bovendeel van de foto is een blad waar witte stippen op zitten. Dit zijn paddenstoeltjes, het wit poedersteelknotsje. Onderste deel is een boom waar twee witte stipjes op zitten dat zijn suikermycena. Maar je ziet ze alleen bij langdurige miezerregen en mist, het liefst s’ ochtend en s ‘avonds. Onder die omstandigheden zoek ik een boom op waar deze op groeien.

Wit poedersteelknotsje

Wit poedersteelknotsje (Typhula setipes ) 1,2 mm hoog, ook wel het bladknotsje genoemd.  Meestal groeien er meerdere op een blad of rottend hout. Het wit poedersteelknotsje speelt een belangrijke rol in bosecosystemen en draagt bij aan afbraak en de nutriëntencyclus. Net een watje op een glazen steel.

Suikermycena

De witte stip op de boomstam is een suikermycena (Mycena tenerrima), hoogte 9 mm, diameter is 6 mm. De hoed lijkt met suiker bestrooid. De Engelsen noemen dit paddenstoeltje ook wel ‘frosty bonnet’ (bevroren hoed). Deze suikermycena leeft op levend of net gestorven hout en geeft de voorkeur aan leefgebieden met een hogere luchtvochtigheid.

Variabel kristalkopje

Variabel kristalkopje (Didymium squamulosum), diameter is ongeveer 0,4 mm, de hoogte is 0,6 mm. De “hoed” bestaat uit sporen die omkapseld zijn met een dikke, witte korst van stervormige calciumcarbonaatkristallen, die los kunnen komen van het oppervlak. Met meerdere dicht op elkaar op de bladeren en met de kalkkristallen die er als sneeuwvlokjes af vallen, is het net een winterbos. Fascinerend hoe op dit niveau de wereld er uit ziet. Al deze soorten groeien op blad, levend of rottend hout, en spelen een belangrijke rol in bosecosystemen door hun bijdrage aan afbraak en de nutriëntencyclus.

Variabel kristalkopje met springstaartjes

Variabel kristalkopje met springstaartjes (Folsomia candida). +/- 1 mm.  Niet alleen de schimmels maar ook deze springstaartjes maken deel uit van de nutriëntencyclus. Ze zijn dol op schimmels en verorberen langzaam de variabele kristalkopjes. 

Klein oorzwammetje

Terug naar De Ruigte naar het klein oorzwammetje (Crepidotus epibryus) dat op de Berg groeit. De vruchtlichamen zijn eenjarig en komen voor in de late zomer tot de herfst. Het leeft op dode bladeren en op rottend hout, vooral op stengels van dood gras en veroorzaakt witrot. De hoed heeft over het algemeen een diameter van ongeveer 0,6 cm maar kan ook 1,5 cm zijn. De vorm is waaiervormig of niervormig. De hoed heeft een duidelijk  golvende rand (de lamellen reiken niet tot aan de rand). De kleur is wit of bleekgeel, met een fijn viltig oppervlak aan de bovenzijde. Het groeit op de grond met zijn zij- of bovenoppervlak.

Wit oorzwammetje

Ook dit wit oorzwammetje (Crepidotus variabilis) is een schimmel dat op de Berg groeit. Je ziet dat de groeiwijze anders is dan het klein oorzwammetje. Het leeft hier op takjes. Het komt meestal voor op arme, zure grond, veel minder op voedselrijke klei. Het veroorzaakt witrot. De hoed van het wit oorzwammetje is ongeveer 1 cm in diameter, doorgaans ongeveer 0,5 tot 2 cm, en komt niervormig naar voren, waarna het al snel onregelmatig en golvend wordt. Het oppervlak is zeer fijn donzig tot fluweelzacht met een min of meer gladde rand. Aan de onderzijde zien we kieuwen (lamellen). De kleur van de kieuwen hangt af van de volwassenheid, variërend van gebroken wit bij het ontstaan tot okerkleurig/vleeskleurig naarmate de sporen volwassen worden. Ze hebben geen steel of ring.

Gele korstzwam en geweizwam

De gele korstzwam (Stereum hirsutum), is een paddenstoel uit de familie Stereaceae. Hij komt voor op (dood) hout van loofbomen en struiken. Vaak op gestapeld hout. De zwarte staafjes aan de onderkant van de foto zijn geweizwammetjes (Xylaria hypoxylon). De top kan uitgroeien en lijkt dan op een gewei van een hert. Ze kunnen tot 70 mm groot worden. Deze geweizwam kun je het hele jaar vinden op rottend loofhout maar in de herfst is er wel de grootste kans. Ook te zien in het fotoverslag van oktober 2025. 

Gewone glanspissebed

Gewone glanspissebed (Oniscus asellus ), de grootste op de foto is iets meer dan 1 cm. Om een foto van de gele korstzwam te maken moest ik de berkenstronk waarop die groeide even uit de struiken halen. Het is onvermijdelijk dat er dan overal pissebedden weg lopen. Alleen deze twee gewone glanspissebedden bleven zitten. Niet alleen verschuilen ze zich vaak onder hout omdat deze soort niet van licht houdt, ze eten ook rottend hout en andere planten of dierlijke resten. Hout is bovendien een goede isolator voor kou en het blijft ook aangenaam vochtig. 

Gewone fopzwam

Gewone fopzwam (Laccaria laccata), diameter hoed 10 cm, hoogte 6 cm. De naam fopzwam geeft al aan dat deze soort moeilijk te herkennen is. Dit geldt voor het uiterlijk en zeker voor wat de kleur van de hoed betreft. Een beter kenmerk vormen de lamellen. Hij leeft samen met loofbomen, vooral eiken (Quercus) en beuk (Fagus sylvatica). Gewone fopzwam staat bij de Oude Sloot maar is door de gehele Ruigte te vinden. Bij zeer jonge boompjes kunnen al vruchtlichamen gevormd worden. De gewone fopzwam is eetbaar en heeft een milde smaak. Het wordt traditioneel gegeten door Zapoteken, Mexico.

Pimpelmees

Toch nog een foto van de pimpelmees (Cyanistes caeruleus) erbij. Er komt nog een week geluidsopnamen en dan is er weer een jaar registratie om. Ik zal in januari dit jaaroverzicht van vogelzang en nu ook vleermuizen toevoegen. 

Baggerwerkzaamheden in De Ruigte

5 januari wordt er rondom de eilanden gebaggerd. Dat gaat twee weken duren, met een uitloop van een week. Het hangt wel van weeromstandigheden en de temperatuur af. De brief die aan aanwonende bewoners is gestuurd is hier onderaan bijgevoegd.

Het plan is om de dichtgegroeide doorgangen tussen de eilanden weer te openen, waar nu elzen, wilgen en braamstruiken groeien. Dit vergroot de variatie in oeverbeplanting en biedt meer ruimte voor oeverdieren. Vooral aan de spoorkant worden extra bomen verwijderd voor meer gelaagdheid. Het midden van de eilanden blijft onaangetast. Na deze sanering volgt eens in de drie jaar onderhoud per eiland, en bij het jaarlijkse rietmaaien worden de doorgangen afwisselend vanuit de zuid- of noordkant meegenomen. 

Ook dank aan de gemeente Leiden, vertegenwoordigd door G. Wilbrink, die het belang van het behoud en de waarde van de Ruigte voor de stad ondersteunt.

De Ruigte zal hierdoor in 2026 voor verrassingen en bijzondere belevingen gaan zorgen.

Ik wens iedereen een gezond 2026 toe en we komen elkaar weer tegen in De Ruigte.

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

– Geen toegang met auto of fiets
– Wandel over de paden
– Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
– Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
– Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden
– Verboden om de eilanden te betreden
– Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken
– Verboden te kamperen

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. 
De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk.
Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com
Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)

Contact

Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!

Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Vergeet niet de aanmelding daar te bevestigen!
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

2 reacties

Opgeslagen onder Nieuws

Visule toer door De Ruigte – november 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen). Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag.

Oude Sloot

Na 6 maanden kurkdroog gestaan te hebben, staat er in de tweede week van november weer een beetje water in de Oude Sloot.  Dit valt samen met het in winterrust gaan van de bomen die hun bladeren hebben laten vallen en de sapstromen van de boom zijn geminimaliseerd. Hierdoor is het waterverbruik van de bomen stilgevallen. De oude Sloot vult zich nu dan langzaam met water en creëert een ideale plek om te overwinteren voor bijvoorbeeld de bruine kikker en padden. 

Cyclops

Bij de eerste liters water zijn er al waarneembare tekenen van leven zichtbaar, in de vorm van zwemmende kreeftachtigen. De cyclops Sp. 1mm, een eenogig zoetwaterdiertje, is meestal de eerste. Als de leefomgeving ongunstig wordt voor de cyclops, stopt de deling van eieren en worden de eieren ingebed in een speciaal aangemaakt slijmkapsel. In dit kapsel zijn ze bestand tegen de meest extreme weersomstandigheden. Eenmaal weer in water ontstaan uit de eieren zeer beweeglijke larven (naupliën), die er anders uitzien dan de volwassen dieren. Na een aantal – tot wel twaalf – vervellingen krijgen ze hun uiteindelijke vorm en begint de cyclus van voren af aan.

Landkokerjuffer

De Oude Sloot ligt vol met bladeren. Bij dat deel waar het nog droog is, vind je tussen deze bladeren heel veel soorten insecten.  Je ziet er ook vaak vogels foerageren. Nieuwsgierig naar wat daar te vinden is, vond ik deze landkokerjuffer (Enoicyla pusilla). Nog een jong exemplaar van 2mm, bouwt een fraai kokertje van zandkorrels en andere materialen. De landkokerjuffer heeft als enige soort van deze familie (althans wat betreft Nederland) geen kieuwen. De volwassen mannetjes zijn in het najaar te zien als schietmotten, de vrouwtjes zijn ongevleugeld.

Witte kluifzwam

Deze witte kluifzwam (Helvella crispa) die 10 – 15 cm groot wordt, verrast elk jaar opnieuw met de bijzondere vorm die hij aanneemt.

Berkenridderzwam

De paddenstoelen in de Ruigte nemen in aantal en in soorten toe. Zoals deze berkenridderzwam (Tricholoma fulvum). In dit geval leeft deze paddenstoel samen met de wortels van berk (Betula) maar soms ook op eiken (Quercus). 

Gele trilzwam

Gele trilzwam (Tremella mesenterica). Het vruchtlichaam is onregelmatig van vorm en breekt meestal door de bast van dode takken. Het is tot 7,5 cm breed en 2,5–5 cm hoog, afgerond tot verschillend gelobd of hersenachtig van uiterlijk. Het vruchtlichaam is geleiachtig maar taai als het nat is en hard als het droog is. De kleur kan variëren van geel naar oranje.

Echt judasoor

Na een paar jaar weggeweest te zijn, groeit achter het hek naar de vogelkijkwal echt judasoor (Auricularia auricula-judae). Olijfbruine zwam, die zacht en elastisch, kraakbeenachtig aanvoelt. Lijkt en voelt als een oor. En Judas komt uit een overlevering over de Bijbelse figuur die zich aan een vlier heeft opgehangen nadat hij Jezus verraden had. Echt judasoor heeft de voorkeur voor de vlier (Sambucus nigra). Maar ook op loofhout zoals deze essenstam. Echt judasoor is eetbaar, wordt veel gebruikt in de Chinese en Japanse keuken.

Groot kalkschuim

Groot kalkschuim (Mucilago crustacea) behoort tot de slijmzwammen. Het zijn recyclers van dood organisch materiaal, zoals op kruidachtige plantendelen of grassen. Hoewel het uiterlijk anders doet vermoeden, is het geen paddenstoel. In dit levensstadium is het, eenvoudig gezegd, een kolonie eencelligen. Enige gelijkenis is er wel, want ze vermeerderen zich door middel van sporen. Het groot kalkschuim verplaatst zich met 0,5 cm/uur. Slijmzwammen vertonen “intelligent” gedrag: ze vinden efficiënt de kortste route naar voedsel en passen hun vorm aan om optimaal meerdere voedselbronnen te benutten. Een goede basis voor een horrorverhaal!

Wespspin

In de foto van de cocon in oktober bleken de mieren te veel geconsumeerd te hebben. Er zijn slechts twee spinnen verveld die nu twee weken oud zijn en rond 1,5 mm groot. Hun chitinepantser is nu nog niet hard. Hierdoor kunnen ze nog iets groeien. Als je de literatuur erop naslaat kan een wespspin (Argiope bruennichi) +/- 200 nakomelingen krijgen. De cocons van vorig jaar hadden +/- 50, aanzienlijk minder. Bij een andere cocon was ook schade van mieren, maar daar waren de mieren niet in de eicocon gekomen.

Wespspin (2)

Er zijn ook geen mijten achter gebleven. Je ziet het glanzend dikke spinsel wat door de hele cocon aanwezig is. Ontzettend sterk en het haakt in elkaar. Voor de mieren zou het spinsel best een belemmering geweest kunnen zijn om onderin bij de eicocon te komen.  Je ziet naast de wespspin een wit propje. Dit is de vervelling van een van de spinnen. In de diepte zie je meer vervellingen van andere spinnen. Aan de hand van de vervellingen in een lege cocon kun je schatten hoeveel jongen in de cocon hebben gezeten. De jonge wespspinnen blijven nu tot eind maart 2026 in de cocon. Dan komen ze voorzichtig naar buiten. Het duurt nog even voor ik dat kan laten zien.

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

  • Geen toegang met auto of fiets
  • Wandel over de paden
  • Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
  • Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
  • Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden
  • Verboden om de eilanden te betreden
  • Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken
  • Verboden te kamperen

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groegroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com

Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)

Contact
Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Vergeet niet de aanmelding daar te bevestigen!
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte – oktober 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag. 

Blauwe reiger

Het is bijzonder aangenaam om een moment van meditatie door te brengen op de “Berg” in De Ruigte. Zittend in de opkomende zon en uitkijkend over het water, biedt deze locatie een serene omgeving voor reflectie. Al zonnend dacht ook deze blauwe reiger (Ardea cinerea) na, staand op een omgewaaide els van twee stormen terug. 

Groenling

Na het verwisselen van de geheugenkaart in mijn zangrecorder, trok er groep van +/- 25 groenlingen (Chloris chloris) over me heen. De groenlingen landen in slee- en meidoorn op de “Berg”. Hoewel het goede zaadeters zijn, lusten ze ook wel besjes. Op de foto gaat een oudere man op wacht zitten. Het hele jaar rond, zien en horen we de groenlingen. Het aantal groenlingen gaat landelijk achteruit. Voornamelijk door de achteruitgang van zijn broed- en leefgebied: bosranden en halfopen zoomvegetatie. Vooral het verdwijnen van de struik- en boomvegetatie rond weilanden heeft dit effect. Gelukkig past de groenling zich aan en trekt het stedelijk gebied in. Sommige van de groenlingen zijn standvogels, anderen migreren naar het zuiden in de winter en wij krijgen in de winter dan de Scandinavische groenlingen. Hoewel je niet weet of het een migrant of stand groenling is, kunnen we in de winter ook van de groenlingen genieten. 

Tjiftjaf

Deze tjiftjaf (Phylloscopus collybita) vloog met de groep groenlingen mee, hier zoekend naar insecten tussen de uitgebloeide Teunisbloem. Je kunt goed de spitse snavel zien. Deze snavelvorm duidt meestal op een insecteneter. De snavel van de groenling is relatief kort en staat hoog op de kop, wat wijst op zaadeters. In de nazomer zie je vaker grote groepen vogels van verschillende soorten vliegen. Binnen een soort zijn de jongen van dit jaar aan het leren waar je het voedsel vindt en hoe je moet socialiseren. Maar het aansluiten met andere soorten is voor veiligheid. In een grote groep heb je minder kans dat je voor een predator opvalt. In De Ruigte zie je vaak groepjes van kool-, pimpel- en staartmezen samen vliegen.

Steenrode heidelibel

Door tegenlicht lijkt de beharing van de verdroogde gewone ossentong wel op winterse rijp. Op gewone ossentong zit een steenrode heidelibel (Sympetrum vulgatum). De steenrode heidelibel heeft een eenjarige levenscyclus en overwintert als ei. Libellen zijn te zien van juni tot eind sept. Door het uitblijven van lagere temperaturen zag ik deze libel in oktober. 

Bruine graswants op gewone fopzwam

Toen ik op de grond lag om de gewone fopzwam te fotograferen, bleek een bruine graswants (Notostira elongata) 6mm, te poseren. Het is een langvleugelige wants die leeft van de sappen van verschillende grassoorten. Zijn bouw en kleur geeft een goede camouflage tussen de grassen.  Op de gewone fopzwam (Laccaria laccata) 25mm valt de graswants wel op. Deze gewone fopzwam is een jong exemplaar. Ondertussen kun je de uitgegroeide fopzwammen vinden bij de kleine den op de Berg. 

Geweizwam

Dit exemplaar van de geweizwam (Xylaria hypoxylon) 4mm is ook nog niet een volgroeid exemplaar. Ze kunnen tot 70mm groot worden. De naam komt omdat de top uit kan groeien en op een gewei van een hert lijkt. Deze geweizwam kun je het hele jaar vinden op rottend loofhout maar in de herfst heb je wel de grootste kans. Meestal staan ze in een groepje, dat was hier niet het geval. Ik vind het altijd net een lucifer die aan de verkeerde kant opbrandt.  

Amethistzwam of rodekoolzwam

De amethistzwam (Laccaria amethystina) of rodekoolzwam kun je vinden in de buurt van de vogelkijkwal. Meestal staan ze een korte week. De zwam is vanwege de kleur genoemd naar de kwartsvariëteit amethist. De amethistzwam wordt als eetbaar aangegeven, maar bevat een giftige arseenverbinding. Interessant is dat er twee soorten arseen in de paddenstoelen voorkomen, het minder giftige organische arseen en het voor zoogdieren en dus ook mensen zeer giftige niet-organische arseen. Afgezien dat je in De Ruigte geen maaltijd kunt plukken, zou ik deze amethistzwam niet op het dagelijks menu zetten. Rechtsonder liggen twee witte halve rondjes op de grond. Dit zijn lensgallen.

Lensgallen van lensgalwesp

Deze lensgallen zijn van de lensgalwesp (Neuroterus quercusbaccarum) op de zomereik voor de ingang van de vogelkijkwal. De platronde bolletjes bevatten alleen larven van de vrouwelijke lensgalwespen. De gallen laten eerder los van het blad dan dat het blad van de boom valt. De larven ontwikkelen zich verder in de op de grond gevallen gallen. In mei verschijnen, afkomstig van de inmiddels uitgekomen wespen, zogenaamde besgalletjes op zowel de jonge bladeren als de bloemsteeltjes van de zomereik. In deze galletjes kunnen zowel vrouwelijke als mannelijke galwespjes ontwikkelen.

Toefige labyrintzwam

De toefige labyrintzwam (Abortiporus biennis) groeit op de wortels van essen bij de oude sloot.  De soort heeft een sterke voorkeur voor vochtige voedselrijke grond.  De toefige labyrintzwam voedt zich met voedingstoffen van de gastheer. Hierbij kan de paddenstoel veel vocht opnemen, daar staat tegen over dat het vocht moet worden afgevoerd. Dit vindt plaatst door middel van een vorm van zweten. Dit worden ook wel guttatiedruppels genoemd. Bij beschadiging komt een zuur geurend gas vrij.  Deze toefige labyrintzwam ziet eruit als een mooie limonadefontein, maar het is een parasiet. Naast het aantasten van dood hout kan deze soort ook stamrot veroorzaken in levende bomen. Dit leidt uiteindelijk tot het afsterven van de boom.

Geschubde inktzwam

Over De Ruigte verspreid, groeit deze geschubde inktzwam (Coprinus comatus). De naam dankt de inktzwam aan het feit dat het paddenstoelenweefsel vervloeit tot een als inkt uitziende substantie. In de tijd dat men met een ganzenveer schreef, maakte men inkt van deze zwam. Als eerste komt de hoed tevoorschijn. Al snel groeit deze door en kun je de steel ook zien. Zo gauw de eerste sporen rijp zijn, vervloeit dit deel van de lamellen met de rijpe sporen erin. Dit valt vervolgens op de ondergrond. De sporen worden verspreid via regenwater. Soms is na 24 uur al niets meer te zien van de inktzwam(men). Als ze nog heel jong zijn, zijn ze eetbaar, maar dan moet je er twee dagen ervoor of erna geen alcohol drinken: anders nuttig je een van de twee nooit meer.

Cocon van wespspin

De cirkel van het leven van de wespspin (Argiope bruennichi). Enkele cocons zijn door vogels, meestal eksters, opengemaakt en de eicocon is dan opgegeten. Zoals linksboven, is de eicocon nog aanwezig. Rechtsboven is door mieren een ingang gemaakt, om het vet in de eicocon te verzamelen en als voedsel op te slaan in hun nest. Na sectie van de eicocon bleek dat mijten (0,2 – 0,4 mm) zich te goed doen aan alles wat eetbaar is. Waarschijnlijk zijn de mijten via de mieren in de eicocon terecht gekomen. Ik vreesde voor de eieren van de spinnen. Om meer zicht te krijgen, heb ik de opening in de eicocon verder open gemaakt.  Het eerste wat opviel, is hoe hard het geeloranje vet geworden is. Daarin blijken de eieren te liggen.

Jonge wespspin

Door het verder openen van de eicocon waren enkele kamers waar de eieren ingekapseld lagen, opengebroken. Er bewogen nu niet alleen mijten maar ook de jonge wespspinnen (0,8mm). Ondanks dat ze door deze botte keizersnee uit het ei waren gerukt, kropen de wespspinnen naar een donkere plek. Als je op dit macro/micro niveau foto’s maakt heb je veel licht nodig en zowel de mijten als de spinnen houden daar niet van. Je ziet hier twee op elkaar liggende jonge wespspinnen. Spinnen vervellen na het uitkomen.  Deze zijn nog niet verveld. Het is net te vroeg. De mijten laten voor nu nog de eieren/spinnen met rust. De wespspinnen horen de komen weken uit het ei te komen en verblijven dan in de cocon tot maart. Of de ingekapselde jongen uit dit verharde vet kunnen komen? Of de mijten de spinnen zullen bevrijden? Ik ga het volgen.

Helaas noodzakelijke gedragsregels: 

•  Geen toegang met auto of fiets. 

•  Wandel over de paden. 

•  Honden aan de lijn (drollen verwijderen) 

•  Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park) 

•  Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden. 

•  Verboden om de eilanden te betreden. 

•  Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken. 

•  Verboden te kamperen. 

Algemene informatie over De Ruigte 

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com

Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s). 

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.com 
Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071 

Abonneer jezelf! 

Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Vergeet niet je aanmelding te bevestigen in het daarvoor toegestuurde e-mailbericht! 
Je hoeft dan niets te missen van bijvoorbeeld deze boeiende maandelijkse toer door de Ruigte.

6 reacties

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte – september 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag. 
September is de maand van de nazomer naar de herfst. Zichtbaar en voelbaar minder zonuren. Dat zie je aan de insecten die elk moment pakken om op te warmen in de zonnestralen.

Bijenwolf

Bijenwolf (Philanthus triangulum) op de laatste bloemen van de Wilde Marjolein. De bijenwolf is een solitair levende wesp. Het vrouwtje is in staat om bijen van andere insecten te onderscheiden. Als ze een bij heeft gevonden, blijft ze boven de bij hangen tot het juiste moment daar is. Met haar poten grijpt ze dan de bij vast. Meteen wordt de bij gestoken met een verlammende steek en wordt het gif door het lichaam van de bij geperst. Zo legt de wesp een aantal verlamde bijen in haar van leem gebouwde nest en legt op één ervan een eitje. Mannelijke bijenwolfnakomelingen krijgen gewoonlijk twee of drie honingbijen in hun broedcel en vrouwelijke nakomelingen vier tot zes honingbijen. In de laatste binnengebrachte prooi wordt het eitje gelegd. Wanneer het eitje uitkomt, eet de larve de verlamde bijen één voor één op. 

Gewone geurgroefbij

De gewone geurgroefbij (Lasioglossum calceatum) 9mm is een fascinerende bijensoort die je zelfs in stedelijke gebieden kunt tegenkomen. Wat deze soort bijzonder maakt, is haar sociale flexibiliteit. In sommige omstandigheden leeft ze eusociaal, wat betekent dat er een duidelijke taakverdeling is binnen het nest: een koningin legt de eitjes, terwijl werksters haar helpen met het grootbrengen van de jongen (zoals bij honingbijen). Wat het nog interessanter maakt: niet alle verwante soorten zijn eusociaal. Binnen dezelfde groep vind je bijen die solitair leven, maar ook soorten die een volledige sociale structuur hebben. Afhankelijk van de leefomgeving en omstandigheden kan de gewone geurgroefbij dus het hele spectrum aan sociale gedragspatronen laten zien — van alleenstaand tot samenwerkend. Kortom, deze kleine bij laat zien hoe flexibel en divers het sociale leven in de insectenwereld kan zijn!

De kleine wigwamspin

De kleine wigwamspin (Phylloneta sisyphia), van onderaf in de wigwam bekeken. De spin is uit de familie van de kogelspinnen (Theridiidae). De vrouwtjes worden 3 tot 4 mm groot, de mannetjes worden 2,5 tot 3 mm. De soort is te vinden op struiken en lage vegetatie. De kleine wigwamspin bouwt een toevluchtsoord in de vorm van een wigwam, die bedekt is met plantenresten. Onder de schuilplaats spint de spin de wirwar die typisch is voor de kogelspinnen. De enkele, bolvormige blauwgroene eierzak wordt geproduceerd in de zomer, tussen juni en augustus. De vrouwtjes doen aan moederzorg. De jonge spinnen worden oraal gevoed door het vrouwtje. 

De kleine wigwamspin 2

De kleine wigwamspin (Phylloneta sisyphia) deelt haar prooi met de jongen. 

Eerder wordt het voedsel uitgebraakt door de moeder, maar naarmate de jongen groter worden, deelt de moeder grotere voedselproducten met hen. Het vrouwtje zal sterven voordat de jongen het nest verlaten en ze zullen haar lichaam opeten.  Aangezien ook zij na de paring de man als aperitief heeft geconsumeerd, neemt deze soort het doorgeven van genen aan de jongen wel heel letterlijk. 

Wespspin

Niet elke wespspin blijft op dezelfde locatie een web bouwen. Doordat elke wespspin op het achterlijf een uniek patroon heeft, kan ik ze makkelijk uit elkaar te houden. Ik heb in De Ruigte negen wespspinnen kunnen vinden in dit jaar. Vorig jaar was dit er één. Echter, bij het maaien zijn er toen wel twee cocons gevonden. Aangezien de wespspin maar een cocon kan maken, moeten het er vorig jaar meer geweest zijn. De laatste wespspinnen zijn nu overleden. 

Cocon van de wespspin

Van de 9 wespspinnen heb ik in totaal 6 cocons kunnen vinden. De cocon is ongeveer 20mm hoog. De eieren, met een vetlaag eromheen, bevinden zich onder in de cocon. Al vaker heb ik cocons gevonden die een klein gaatje hadden. Nu ontdekte ik in De Ruigte de veroorzakers. Het waren mieren die zich te goed deden aan het vet.  Ik bewaar en volg de cocons die beschadigd zijn. Na het maaien in De Ruigte, worden de intacte cocons weer in De Ruigte teruggezet. 

Bont zandoogje op de meidoorn

Bont zandoogje (Pararge aegeria) is in De Ruigte van februari tot in oktober te zien. Zo gauw de zon aanwezig is, warmen deze zandoogjes zich op. De mannen hebben vaste zonplekken. Ze dulden geen andere mannen in de buurt. Dan wordt het een luchtgevecht.  Regelmatig zie je dan twee zandoogjes al tuimelend om elkaar heen. Ze overwinteren als ei of als larve. De vrouwtjes zetten eieren af in het gras, één van de redenen waarom we als groengroep niet alles maaien. Waar wel gemaaid wordt, wordt het maaisel in De Ruigte verspreid om eventuele eieren of cocons nog een kans te geven om uit te komen.

Zuidelijk spitskopje

Het zuidelijk spitskopje (Conocephalus fuscus) is een 18mm grote groene sprinkhaan met een bruine rug en een spitse kop. Hij houdt van dichte vegetatie. Graslanden die niet worden gemaaid, zoals hooilanden en wegbermen, zijn geschikt. Het zuidelijk spitskopje is, eenmaal volwassen, actief gedurende de maanden juli tot oktober, de mannetjes laten zich vooral horen tussen elf uur ´s ochtends en zeven uur in de avond. Het voedsel bestaat uit planten zoals kruiden en grassen, maar ook kleine insecten als rupsen en bladluizen worden gegeten.

Zuringuil

Zuringuil (Acronicta rumicis) 38mm, of beter gezegd de zuringrups. Prachtige kleuren. Je zou denken daar moet een mooi gekleurde vlinder uitkomen. Maar nee, het zuringuiltje is een nachtvlinder van 20 mm lengte. In de nacht heb je niets aan mooie felle kleuren. Overdag onder struiken of op een boom helpen camouflage kleuren (bruin/grijs). De naam doet vermoeden dat hij van zuring houdt en dat klopt. Alleen in De Ruigte is zuring niet ruim aanwezig. De waardplanten zijn allerlei kruidachtige en houtige planten, waaronder zuring, weegbree, duinroos, hop, braam, en zelfs ook wilg en meidoorn. Op de hop na zijn de andere planten wel aanwezig. 

Bleke glimmerinktzwam

Bleke glimmerinktzwam (Coprinellus pallidissimus) groeit vaak op oud hout. Deze zijn rond de 30mm. Ondanks dat de bodem iets vochtiger is, zijn er nog niet heel veel paddenstoelen te zien. Mijn verwachting is dat ik volgende maand meer soorten kan laten zien.


Helaas noodzakelijke gedragsregels: 

•  Geen toegang met auto of fiets.

•  Wandel over de paden.

•  Honden aan de lijn (drollen verwijderen) 

•  Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park) 

•  Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden. 

•  Verboden om de eilanden te betreden. 

•  Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken. 

•  Verboden te kamperen. 

Algemene informatie over De Ruigte 
Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com

Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s). 

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.com 
Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071 

Abonneer jezelf! 
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu. Vergeet daarbij niet je aanmelding te bevestigen in je e-mail.  
Je krijgt dan een melding bij een nieuw bericht op de website. 
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door de Ruigte.  

1 reactie

Opgeslagen onder Nieuws

Visuele toer door De Ruigte – augustus 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  

Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag. Het is alweer eind augustus. Bladerend door mijn foto’s van deze maand, zijn er meer onderwerpen dan ik had gedacht. Dus laat ik maar starten met het Gewone Knuppeltje in het artikel te (gooien) schrijven.

Gewone Knuppeltje

Gewone Knuppeltje (Physocephala rufipes) op de bloemen van de wilde marjolein. Het laat zich raden waarom deze zweefvlieg, 10 tot 18 millimeter, zo heet. Het achterlijf is net een knuppel. Er zijn twee soorten. Het Zwarte Knuppeltje komt ook voor in De Ruigte. De eitjes van het Gewone Knuppeltje worden op verschillende soorten hommels gelegd. Het is een parasitoïde, dat houdt in dat de larven in de hommel leven tot na de winter. Na de winter overlijdt de hommel en de nieuwe generatie Knuppeltjes worden geboren. 

Grote Langlijf Zweefvlieg

Grote Langlijf Zweefvlieg (Sphaerophoria scripta), 11mm, op het Boerenwormkruid (Tanacetum vulgare). Waar bloemen zijn, zijn deze Langlijfjes te zien. Ze leven van nectar en stuifmeel. Koester deze vliegen want de eitjes van deze Langlijfvlieg worden in kolonies van bladluizen gelegd. De langlijflarven eten namelijk bladluizen. Een vrouwtje legt wel 1000 eitjes tussen de bladluizen. Bij gunstige omstandigheden zijn het na 20 dagen weer Langlijf zweefvliegen, één van de betere biologische bestrijders van bladluizen. Voordat ik naar de volgende nabootsing of camouflage van de geel-zwarte “wesp”kleuren ga, wil ik even stilstaan bij het feit dat deze mimicry heel veel voorkomt. Mimicry is de aanpassing waarbij dieren en planten eigenschappen van andere soorten nadoen, zoals kleur, geluid of geur. Het geel-zwarte patroon waarschuwt vaak voor gevaar. Nabootsing kan verschillende functies hebben: bescherming, bedreiging, aantrekken of verspreiding van zaden.

De volgende bewoner gebruikt geen mimicry maar geeft een echte waarschuwing. Ik vind zelf deze spinnen fascinerend.

Wespspin

Laag in het gras hebben ze hun web. Deze spin, nog nat van de dauw, is 15 mm, gemeten van giftand tot achterlijf. De Wespspin (Argiope bruennichi) is een van de grootste spinnen van Europa. Oorspronkelijk komt deze spin in Zuid-Frankrijk voor. Door de opwarming van het klimaat is de spin zelfs op Terschelling al gezien. Het mannetje is echter 5mm en wordt zelden gezien. De mannetjes leven kort, twee tot drie dagen, vaak omdat hij na de paring als aperitief gegeten wordt. Het web is een zogenaamd wiel-web, met een opvallend, zigzagvormig patroon van extra zijde dat een “ stabiliment” heet. De echte functie van het zigzagpatroon is niet bekend. Maar als je weet dat deze spin gespecialiseerd is in het vangen van sprinkhanen, heeft het web wel wat stabiliteit nodig. Bij een wielweb van een kruisspin, als die het al aandurft, wint vaak de sprinkhaan omdat het web niet sterk genoeg is.

Wespspin 2

Prachtig hoe de wespspin deze veldsprinkhaan vangt. Terwijl de wespspin hem ronddraait, wordt de sprinkhaan  met 2 mm breedband van spinrag ingepakt. Daarna krijgt de sprinkhaan het verlammende gif ingespoten achter de kop. Meestal wordt de sprinkhaan pas later opgegeten. Het gif werkt niet alleen verlammend. Er zitten ook verteringsenzymen in, zodat de spin na een tijdje alles als een cocktail kan opdrinken. Het gif van giftige diersoorten is eigenlijk een gespecialiseerd speeksel, wat voor de voorvertering zorgt en het immobiliseren van de prooi.  De vrouwtjes wespspinnen maken een grote cocon waar ze de eieren in leggen. Ik vertel daar komende maanden meer over, ook over het uitkomen van de jonge wespspinnen. Ze zijn in De Ruigte te zien tussen het gras en op de berg. Deze spinnen zijn erg zeker van zichzelf, omdat ze er gevaarlijk uitzien. Ze gaan dus niet op de vlucht voor u of uw hond. Dus blijf op de paden, ook de honden, voor nog drie weken. Niet dat de spinnen gevaarlijk zijn, maar u maakt hun web kapot of u doodt de spinnen misschien. Het duurt niet lang meer, want de vrouwtjes overlijden +/- een week na het eieren leggen.

Icarusblauwtje

Icarusblauwtje (Polyommatus icarus) Deze soort blauwtje vliegt al een paar jaar in De Ruigte. Maar het is voor mij voor het eerst dat ik in een jaar vier soorten blauwtjes tel. Icarusblauwtje, Bruinblauwtje, Boomblauwtje en dit weekeind Kleine Vuurvlinder, hoewel de vuurvlinder wel tot een andere groep behoort onder de blauwtjes.

Kleine Vuurvlinder

Het klinkt als veel, vier soorten, maar als je weet dat er wereldwijd ruim 5200 soorten blauwtjes zijn waarvan zo’n 120 soorten in Europa. Als we dan op Nederland inzoomen blijven nog steeds 27 soorten over, waarvan vastgesteld is dat 15 soorten als vaste soorten voorkomen. De naam blauwtje verwijst dus niet naar de kleur maar naar de familienaam Lycaenidae.

Scheefbloemwitje

Vier is ook het aantal in De Ruigte voor de Koolwitjes: groot koolwitje, klein koolwitje, klein geaderd witje en Scheefbloemwitje. Dit Scheefbloemwitje (Pieris mannii) is een niet veel voorkomende soort. Door de klimaat opwarming komt deze soort steeds noordelijker voor. 

Echter, de vlinderstand in Nederland neemt af door bestrijdingsmiddelen. Ook langs het spoor worden onkruidverdelgers als Glyfosaat gebruikt. Een verboden middel voor de landbouw. ProRail spuit twee keer per jaar het inspectiepad om het onkruidvrij te houden. De trein is niet zo milieuvriendelijk als het lijkt. 

Wormkruidbij

Ik kan het niet laten om deze Wormkruidbij (Colletes daviesanus) toch even te laten zien. Boerenwormkruid is de waardplant van deze bij. De bij heeft hele sterke kaken waardoor hij zelfs een gang in voegsel van stenen kan maken.  Maar over het algemeen kiest hij voor makkelijkere locatie zoals hout of leemwanden. Door de specialisatie van wilde bijen op verschillende waardplanten, zie je door het jaar heen veel verschillende soorten. Omdat boerenwormkruid een laatbloeier is, zie je de Wormkruidbij ook pas rond begin augustus.

Bruine Winterjuffer

De  Bruine Winterjuffer (Sympecma fusca) is de enige juffer die je de hele winter door kunt zien. De winterjuffer overwintert als volwassen libel. De libellen kunnen daardoor uitzonderlijk oud worden, tot wel tien maanden. In het vroege voorjaar vindt de voortplanting plaats en worden de eitjes afgezet. Vervolgens ontwikkelen de larven zich binnen drie maanden tot volwassen libellen, die in de nazomer verschijnen. Wanneer het kouder wordt begint de overwintering. Ze geniet van de late zon op de bessen van de meidoorn. Er zitten meerdere juffers, het moet lukken om er één te vinden.  De Ruigte hangt op dit moment vol met bessen, appels en peren. 

Wilgenbezemmijt

Als je deze in de kassen van de Hortus zou zien, zou je denken dat het om een prachtige orchidee gaat. Maar nee, dit is een vergroeiing van wilgenknoppen die veroorzaakt wordt door verschillende soorten mijten. Hoewel men er nog niet uit is wat nu precies de veroorzaker is, want er zijn ook theorieën dat het mycoplasma of wel bacteriën zijn die dit veroorzaken. Onder de binoculair kon ik geen mijten vinden, wel kleine jonge maden van vliegen, en spinnetjes. Volgend jaar zal ik het wat eerder bekijken. Het is een goed jaar voor gallen (abnormale vergroeiingen). Op de eikenbomen kun je verschillende soorten vinden. Let maar eens goed op de bladeren.

Goudrenet

In De Ruigte hangen nu prachtige Goudrenetten, Gieser Wildeman peren en Kweeperen. De Goudrenet en Gieser Wildeman peer zijn nog van oude volkstuinen overgebleven. Er hangen op dit moment veel vruchten. Plukken mag, gebruik dan een netje of emmer op een lange stok om ze van de tak te schudden. Voor kinderen is dat een goede les dat de appels niet alleen in de kratten bij de supermarkt groeien. U zult wel denken, daar heb je hem weer. Maar toch, neem de vruchten mee voor een appeltaart of voor een pannetje stoofperen zodat meerdere mensen ervan kunnen genieten. Laat aangevreten vruchten hangen of liggen. Dat is een maaltijd voor wespen of andere insecten, vogels en muizen. Een goede wintervoorraad.

Dwarsbandkakkerlak

Dwarsbandkakkerlak (Planuncus tingitanus s.l. (Bolívar, 1914)) Als u dan fruit heeft geplukt, zou het best kunnen dat u deze kakkerlak tussen de vruchten of kleren vindt. Overal waar een beetje beschutting tussen bladeren en een beetje vocht is, voelt deze soort zich thuis. Dus vrees niet: hij heeft een hekel aan droge en schone huizen. Dit is een jong exemplaar, de volwassenen zijn licht, doorzichtig lichtbruin. Tussen de bladeren van de bomen en struiken of tussen de klimop op de grond zijn het goede opruimers. Af en toe vinden ze een zonnebad nemen heerlijk, dan zie je ze op de bladeren zitten. 

Grote bonte specht

Ik moet toch aandacht besteden aan de Grote bonte specht (Dendrocopos major). Deze bonte specht verblijft al meer dan een maand in De Ruigte. Spechten, net als boomkruipers, zijn vaak in De Ruigte om voedsel te zoeken. De oude en dode bomen die er staan, geven een rijkdom aan insecten. Deze man lijkt een poging te doen om een territorium op te bouwen, roffelend op meerdere bomen. De specht heeft bijzondere eigenschappen. Zijn tong is 10 cm lang, om insecten te ontdekken en in gangen uit de boom te halen. De specht kan met een frequentie van zo’n 20 tikken per seconde met zijn snavel tegen een boom hakken. Als wij 14 keer zachter met ons hoofd tegen een boom lopen, belanden wij met een zware hersenschudding in het ziekenhuis. De specht bezit een stevige snavel en schedel, evenals een aanvullend membraan tussen de schedel en hersenen waarin vocht wordt opgeslagen. Deze aanpassing zorgt ervoor dat schokken bij het kloppen worden gedempt. Ik hoop dat de specht een partner aantrekt zodat we nestbouw en jongen kunnen volgen.

Helaas noodzakelijke gedragsregels: 
•  Geen toegang met auto of fiets. 
•  Wandel over de paden. 
•  Honden aan de lijn (drollen verwijderen) 
•  Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park) 
•  Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden. 
•  Verboden om de eilanden te betreden. 
•  Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken. 
•  Verboden te kamperen. 

Algemene informatie over De Ruigte 
Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep.
De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.nl. Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s). 

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.nl 
Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071 

Abonneer jezelf! 
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu. 
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website. 
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

! Vergeet niet je e-mailadres te bevestigen, je krijgt na aanmelding daarvoor een speciaal e-mailbericht.
Er zijn momenteel meer dan 50 abonnees die dit (nog) niet hebben gedaan. Zij krijgen dan helaas ook geen melding van nieuwe berichten. !

3 reacties

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte – juli 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen). Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag.
Ook juli heeft weer interessante waarnemingen opgeleverd.

Albino knopsprietje

Elk jaar zie ik een of twee van deze, in dit geval een jong, albino knopsprietje (Myrmeleotettix maculatus). Een van de meest voorkomende sprinkhanen in De Ruigte. Heel erg variabel van kleur. Maar roze zie je niet vaak. Dit betekent niet dat deze albino sprinkhanen zeldzaam zijn. De opvallende kleur, of eigenlijk geen kleur, zorgt ervoor dat ze een opvallende prooi vormen voor vogels of andere rovers. De overlevingskansen zijn daardoor klein.

Wimperflankzandbij

De wimperflankzandbij (Andrena dorsata) is een zandbij-vrouwtje van 9 mm, vaak te vinden op de overvloedige aanwezig honingklaver. Ze verzamelt nectar voor energie en legt stuifmeel bij haar eitjes als voedsel voor de larven.

Wimperflankzandbij

Daar waar men in natuurgebieden, bv. Meijendal / AWD, konikpaarden of koeien inzet om open plekken in het landschap te krijgen, is het in De Ruigte de “Kindererosie” die, door het spelen, voor de kale plekken op de berg zorgen.  Hier maken de zandbijen dankbaar gebruik van. In de kale zandgrond kunnen de zandbijen uitstekend hun holen graven om de eieren in te leggen. Naast ophangen van een Insectenhotel met buisjes zou u ook een zandplek op een zonnige plek in de tuin kunnen maken. Of een grote pot gevuld met zand. Voorkeur gaat uit naar fijn zand, bv. speelzand. Niet schoffelen, geen plantjes. Hiermee geef u ook de wilde graafbijen en -wespen een kans.

Tronkenbij

Neem de tronkenbij (Heriades truncorum) die u deze dagen zeker bij de insectenhotels gezien zult hebben. Deze 7-8mm tronkenbij laat mooi zien hoeveel stuifmeel ze mee kunnen nemen naar hun nest. Tronkenbijen verzamelen stuifmeel door met het achterlijf bloemen te bekloppen. Het stuifmeel wordt vervoerd tussen de verzamelharen op de buik, wat goed te zien is op de foto. Dit maak deze tronkenbij met andere Wilde bijen uitstekende bestuivers. Ze zijn vaak ook gekoppeld aan waardplanten waardoor het bevruchten binnen de soort efficiënt gaat.

Honingbij

Sorry, stadimkers. Honingbij (Apis mellifera), 13mm, wordt op grote schaal kunstmatig in bijenkorven gehuisvest. Komt oorspronkelijk uit Afrika en Europa. De mens heeft de honingbij over de hele wereld verspreid. Hij kan uit elke plant nectar halen. Honingbijen worden ingezet als bestuivers op monocultuur, akkerbouw.  Door onkruidverdelgers en geen ruimte voor wilde bijen kunnen telers ook niet meer zonder. Maar bestuiven is niet hun sterkste kant. Door de grote aantallen lukt dit wel. Een kast kan tot 80.000 bijen bevatten. In feite zijn het gecultiveerde, bestuivende koeien geworden. In plaats van melk, leveren honingbijen honing en bijenwas. Niet efficiënte en niet-selectieve bestuiving van wilde planten vermindert plantendiversiteit. Neem dit samen met concurrentie om nectar, vormen deze kastbijen een bedreiging voor wilde bijen. Bijenkorven zouden minstens 1100 meter van natuurgebieden moeten staan en niet meer dan 3 per km²; bij De Ruigte wordt deze adviesnorm helaas ruimschoots overschreden. Eerlijkheidshalve moet gezegd worden dat de bijenkasten er eerder waren dan De Ruigte. Genoeg gemopperd op de goede bedoelingen van de mens om bijen in een kast te stoppen voor economische belangen. In het wild hoort natuurlijk ook de honingbij.

Schermbloemzandbij

Neem nu deze net geen 6mm grote schermbloemzandbij (Andrena nitidiuscula). Een extreem zeldzaam pareltje. Wordt waargenomen in zo’n specifiek stedelijke leefgebied als De Ruigte met aanwezigheid van veel wilde peen (Daucus carota) en gewone berenklauw (Heracleum sphondylium). Dat komt door de aanwezigheid van kale grond voor nestbouw. Ze zijn te bewonderen op de Berg. De gewone berenklauw vind je rond de wilgenhut en -tunnel. (Deze berenklauw geeft geen blaren.)

Wilde peen

De wilde peen (Daucus carota) heeft een prachtige schermbloem. Voor aantrekking van insecten is de middelste bloem van het scherm is vaak zwart-purperachtig.. Tijdens de bloei maakt de bloeiwijze slaapbewegingen. Dat betekent dat ’s avonds de bloeiwijze zich bolvormig sluit en over gaat hangen, maar de volgende dag spreidt ze zich weer uit. Uiteindelijk vormt de bloeiwijze aan het eind van de bloei weer een min of meer gesloten bol, wat de andere naam voor wilde peen, vogelnestje verklaart.

Pyjamaschildwants op de wilde peen

Schermbloemen trekken veel insecten aan. Het is de waardplant van deze prachtige pyjamaschildwants (Graphosoma italicum). De wants boort een gaatje in de plant om de plantensappen te drinken. Deze pyjamaschildwants zit lekker te zonnen. Het zijn echte zonaanbidders.

De oude sloot

De “kindererosie”  moet af en toe wel aan banden gelegd worden. Maar zoals kale plekken op de heuvel door het spelen van kinderen zijn ontstaan, zijn elders in De Ruigte ook struinpaden ontstaan. Dat geeft  dan weer een andere doorkijk tijdens de wandeling.

Klimopbremraap

De bodem is rijk begroeid met Klimop (Hedera helix) in het bosgedeelte van De Ruigte. Daartussen vind je deze prachtige bloem van de klimopbremraap (Orobanche hederae). De stengel is bezet met crèmekleurige klierharen. Klimopbremraap is een bleke, bladgroenloze plant. Een echte parasiet, die parasiteert met zuigwortels op het wortelstelsel van klimop. Het grootste deel van het jaar bevindt de hele plant zich onder de grond. De klimopbremraap Is alleen te zien als ze bloeien van juni tot augustus. In Leiden vind je deze klimopbremraap vaker. Toch is dit lokaal. Daarom staat deze nog op de rode lijst van beschermde planten.

Wespenorchidee

De nieuwkomer aan de rand van het bos. Ik vind het de parel op ons werk als groengroep in De Ruigte. Niet schoffelen, minimaal ingrijpen, hier en daar bijsturen van woekerende soorten schept mogelijkheden voor nieuwe soorten. Waaronder nu deze brede wespenorchis (Epipactis helleborine). Het bijzondere is dat niet alleen de bodemgesteldheid, licht omstandigheden, maar ook de specifieke mycorrhiza (netwerk van schimmels) aanwezig moet zijn, anders kunnen de zaden niet kiemen en meteen in symbiose gaan met deze schimmels. De naam wespenorchis komt omdat de bloem bestoven wordt door wespen, zoals de Gewone wesp (Vespula vulgaris). De omstandigheid dat deze wespensoort een grote voorliefde heeft voor het stuifmeel van klimop brengt met zich mee dat de wespenorchis, eenmaal aanwezig, zich vaak uitbundig verder weet te verspreiden in plantsoentjes waar klimop als bodembedekker wordt gebruikt.  Wie weet, zien we er volgend jaar meer.

Gewone wesp

Wespen bouwen hun nest van papier, dat is samengesteld uit gekauwde houtvezels. Deze zit in een klimop. Niet in de Ruigte omdat ik daar niet bij kan om foto’s te maken. Ik heb dit wespennest van een buurvrouw in haar tuin mogen fotograferen. Je kun heel dichtbij komen zonder gestoken te worden. Alleen moet je het nest niet aanraken of in beweging brengen.

Gewone wesp

Wespen eten niet alleen zoetigheid, maar ook eiwitten en zijn goede jagers. Anders dan bijen vangen ze rupsen en schadelijke insecten, waardoor ze nuttig zijn in de tuin. Met al dat eten moeten ze ook wel eens iets kwijt. De onderste wesp laat zich hangen en laat dan een druppeltje faeces vallen. Zo blijft het nest schoon. 

Als het kan, laat dan het wespennest zitten . Als u wespen met rust laat, doen de wespen dat ook met u.  In het Leids Stadsnieuws werd ook aandacht gevraagd voor wespen. Meer weten; Stadsnieuws Leiden of Wespenstichting: wespenstichting.nl.


Met de kennismaking van de nieuwkomer wespenorchidee met zijn bestuiver de wesp, sluit ik af en wens ik iedereen een fijne beleving in De Ruigte. Tot over een maand.

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

  •                   Geen toegang met auto of fiets.
  •                   Wandel over de paden.
  •                   Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
  •                   Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
  •                   Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden.
  •                   Verboden om de eilanden te betreden.
  •                   Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken.
  •                   Verboden te kamperen.

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaande uit bewoners van De Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag  via DeRuigte@outlook.com
Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s).

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door de Ruigte. 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws