Tagarchief: De Ruigte

Visuele toer door De Ruigte – december 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  Elke maand laat ik deze diversiteit zien met een fotoverslag.

De Ruigte

December wordt langzaam kouder, vaker mistig en vochtiger.  De struiken en bomen, ontdaan van blad, bieden weinig beschutting voor de vogels. Alleen de mezen, winterkoning en roodborst zijn nog te zien. Daarnaast scharrelen de merels, gaai, ekster en kraaien op de grond op zoek naar voedsel. Vooral op de “Kruidenheuvel” wordt het mos door de kraaien en eksters omgespit op zoek naar insecten. De bladeren en takken op de grond worden langzaam omgezet tot voedingstoffen, terug de aarde in voor de groei volgend jaar. Ik neem jullie mee naar een ander deel van De Ruigte, ‘het verborgen bos’.

Spoorzoeken

Als je inzoomt op takken, bast van bomen of de bladeren op de grond, kom je in een andere wereld. Als ik mensen spreek over De Ruigte is een veel gemaakte opmerking: als ik door De Ruigte loop zie ik niets! Soms ligt dat aan het tijdstip of het is toeval. Maar nu is ook wat te zien is heel klein. Om een indruk te geven, het bovendeel van de foto is een blad waar witte stippen op zitten. Dit zijn paddenstoeltjes, het wit poedersteelknotsje. Onderste deel is een boom waar twee witte stipjes op zitten dat zijn suikermycena. Maar je ziet ze alleen bij langdurige miezerregen en mist, het liefst s’ ochtend en s ‘avonds. Onder die omstandigheden zoek ik een boom op waar deze op groeien.

Wit poedersteelknotsje

Wit poedersteelknotsje (Typhula setipes ) 1,2 mm hoog, ook wel het bladknotsje genoemd.  Meestal groeien er meerdere op een blad of rottend hout. Het wit poedersteelknotsje speelt een belangrijke rol in bosecosystemen en draagt bij aan afbraak en de nutriëntencyclus. Net een watje op een glazen steel.

Suikermycena

De witte stip op de boomstam is een suikermycena (Mycena tenerrima), hoogte 9 mm, diameter is 6 mm. De hoed lijkt met suiker bestrooid. De Engelsen noemen dit paddenstoeltje ook wel ‘frosty bonnet’ (bevroren hoed). Deze suikermycena leeft op levend of net gestorven hout en geeft de voorkeur aan leefgebieden met een hogere luchtvochtigheid.

Variabel kristalkopje

Variabel kristalkopje (Didymium squamulosum), diameter is ongeveer 0,4 mm, de hoogte is 0,6 mm. De “hoed” bestaat uit sporen die omkapseld zijn met een dikke, witte korst van stervormige calciumcarbonaatkristallen, die los kunnen komen van het oppervlak. Met meerdere dicht op elkaar op de bladeren en met de kalkkristallen die er als sneeuwvlokjes af vallen, is het net een winterbos. Fascinerend hoe op dit niveau de wereld er uit ziet. Al deze soorten groeien op blad, levend of rottend hout, en spelen een belangrijke rol in bosecosystemen door hun bijdrage aan afbraak en de nutriëntencyclus.

Variabel kristalkopje met springstaartjes

Variabel kristalkopje met springstaartjes (Folsomia candida). +/- 1 mm.  Niet alleen de schimmels maar ook deze springstaartjes maken deel uit van de nutriëntencyclus. Ze zijn dol op schimmels en verorberen langzaam de variabele kristalkopjes. 

Klein oorzwammetje

Terug naar De Ruigte naar het klein oorzwammetje (Crepidotus epibryus) dat op de Berg groeit. De vruchtlichamen zijn eenjarig en komen voor in de late zomer tot de herfst. Het leeft op dode bladeren en op rottend hout, vooral op stengels van dood gras en veroorzaakt witrot. De hoed heeft over het algemeen een diameter van ongeveer 0,6 cm maar kan ook 1,5 cm zijn. De vorm is waaiervormig of niervormig. De hoed heeft een duidelijk  golvende rand (de lamellen reiken niet tot aan de rand). De kleur is wit of bleekgeel, met een fijn viltig oppervlak aan de bovenzijde. Het groeit op de grond met zijn zij- of bovenoppervlak.

Wit oorzwammetje

Ook dit wit oorzwammetje (Crepidotus variabilis) is een schimmel dat op de Berg groeit. Je ziet dat de groeiwijze anders is dan het klein oorzwammetje. Het leeft hier op takjes. Het komt meestal voor op arme, zure grond, veel minder op voedselrijke klei. Het veroorzaakt witrot. De hoed van het wit oorzwammetje is ongeveer 1 cm in diameter, doorgaans ongeveer 0,5 tot 2 cm, en komt niervormig naar voren, waarna het al snel onregelmatig en golvend wordt. Het oppervlak is zeer fijn donzig tot fluweelzacht met een min of meer gladde rand. Aan de onderzijde zien we kieuwen (lamellen). De kleur van de kieuwen hangt af van de volwassenheid, variërend van gebroken wit bij het ontstaan tot okerkleurig/vleeskleurig naarmate de sporen volwassen worden. Ze hebben geen steel of ring.

Gele korstzwam en geweizwam

De gele korstzwam (Stereum hirsutum), is een paddenstoel uit de familie Stereaceae. Hij komt voor op (dood) hout van loofbomen en struiken. Vaak op gestapeld hout. De zwarte staafjes aan de onderkant van de foto zijn geweizwammetjes (Xylaria hypoxylon). De top kan uitgroeien en lijkt dan op een gewei van een hert. Ze kunnen tot 70 mm groot worden. Deze geweizwam kun je het hele jaar vinden op rottend loofhout maar in de herfst is er wel de grootste kans. Ook te zien in het fotoverslag van oktober 2025. 

Gewone glanspissebed

Gewone glanspissebed (Oniscus asellus ), de grootste op de foto is iets meer dan 1 cm. Om een foto van de gele korstzwam te maken moest ik de berkenstronk waarop die groeide even uit de struiken halen. Het is onvermijdelijk dat er dan overal pissebedden weg lopen. Alleen deze twee gewone glanspissebedden bleven zitten. Niet alleen verschuilen ze zich vaak onder hout omdat deze soort niet van licht houdt, ze eten ook rottend hout en andere planten of dierlijke resten. Hout is bovendien een goede isolator voor kou en het blijft ook aangenaam vochtig. 

Gewone fopzwam

Gewone fopzwam (Laccaria laccata), diameter hoed 10 cm, hoogte 6 cm. De naam fopzwam geeft al aan dat deze soort moeilijk te herkennen is. Dit geldt voor het uiterlijk en zeker voor wat de kleur van de hoed betreft. Een beter kenmerk vormen de lamellen. Hij leeft samen met loofbomen, vooral eiken (Quercus) en beuk (Fagus sylvatica). Gewone fopzwam staat bij de Oude Sloot maar is door de gehele Ruigte te vinden. Bij zeer jonge boompjes kunnen al vruchtlichamen gevormd worden. De gewone fopzwam is eetbaar en heeft een milde smaak. Het wordt traditioneel gegeten door Zapoteken, Mexico.

Pimpelmees

Toch nog een foto van de pimpelmees (Cyanistes caeruleus) erbij. Er komt nog een week geluidsopnamen en dan is er weer een jaar registratie om. Ik zal in januari dit jaaroverzicht van vogelzang en nu ook vleermuizen toevoegen. 

Baggerwerkzaamheden in De Ruigte

5 januari wordt er rondom de eilanden gebaggerd. Dat gaat twee weken duren, met een uitloop van een week. Het hangt wel van weeromstandigheden en de temperatuur af. De brief die aan aanwonende bewoners is gestuurd is hier onderaan bijgevoegd.

Het plan is om de dichtgegroeide doorgangen tussen de eilanden weer te openen, waar nu elzen, wilgen en braamstruiken groeien. Dit vergroot de variatie in oeverbeplanting en biedt meer ruimte voor oeverdieren. Vooral aan de spoorkant worden extra bomen verwijderd voor meer gelaagdheid. Het midden van de eilanden blijft onaangetast. Na deze sanering volgt eens in de drie jaar onderhoud per eiland, en bij het jaarlijkse rietmaaien worden de doorgangen afwisselend vanuit de zuid- of noordkant meegenomen. 

Ook dank aan de gemeente Leiden, vertegenwoordigd door G. Wilbrink, die het belang van het behoud en de waarde van de Ruigte voor de stad ondersteunt.

De Ruigte zal hierdoor in 2026 voor verrassingen en bijzondere belevingen gaan zorgen.

Ik wens iedereen een gezond 2026 toe en we komen elkaar weer tegen in De Ruigte.

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

– Geen toegang met auto of fiets
– Wandel over de paden
– Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
– Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
– Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden
– Verboden om de eilanden te betreden
– Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken
– Verboden te kamperen

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. 
De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk.
Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com
Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)

Contact

Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!

Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Vergeet niet de aanmelding daar te bevestigen!
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

2 reacties

Opgeslagen onder Nieuws

Visule toer door De Ruigte – november 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen). Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag.

Oude Sloot

Na 6 maanden kurkdroog gestaan te hebben, staat er in de tweede week van november weer een beetje water in de Oude Sloot.  Dit valt samen met het in winterrust gaan van de bomen die hun bladeren hebben laten vallen en de sapstromen van de boom zijn geminimaliseerd. Hierdoor is het waterverbruik van de bomen stilgevallen. De oude Sloot vult zich nu dan langzaam met water en creëert een ideale plek om te overwinteren voor bijvoorbeeld de bruine kikker en padden. 

Cyclops

Bij de eerste liters water zijn er al waarneembare tekenen van leven zichtbaar, in de vorm van zwemmende kreeftachtigen. De cyclops Sp. 1mm, een eenogig zoetwaterdiertje, is meestal de eerste. Als de leefomgeving ongunstig wordt voor de cyclops, stopt de deling van eieren en worden de eieren ingebed in een speciaal aangemaakt slijmkapsel. In dit kapsel zijn ze bestand tegen de meest extreme weersomstandigheden. Eenmaal weer in water ontstaan uit de eieren zeer beweeglijke larven (naupliën), die er anders uitzien dan de volwassen dieren. Na een aantal – tot wel twaalf – vervellingen krijgen ze hun uiteindelijke vorm en begint de cyclus van voren af aan.

Landkokerjuffer

De Oude Sloot ligt vol met bladeren. Bij dat deel waar het nog droog is, vind je tussen deze bladeren heel veel soorten insecten.  Je ziet er ook vaak vogels foerageren. Nieuwsgierig naar wat daar te vinden is, vond ik deze landkokerjuffer (Enoicyla pusilla). Nog een jong exemplaar van 2mm, bouwt een fraai kokertje van zandkorrels en andere materialen. De landkokerjuffer heeft als enige soort van deze familie (althans wat betreft Nederland) geen kieuwen. De volwassen mannetjes zijn in het najaar te zien als schietmotten, de vrouwtjes zijn ongevleugeld.

Witte kluifzwam

Deze witte kluifzwam (Helvella crispa) die 10 – 15 cm groot wordt, verrast elk jaar opnieuw met de bijzondere vorm die hij aanneemt.

Berkenridderzwam

De paddenstoelen in de Ruigte nemen in aantal en in soorten toe. Zoals deze berkenridderzwam (Tricholoma fulvum). In dit geval leeft deze paddenstoel samen met de wortels van berk (Betula) maar soms ook op eiken (Quercus). 

Gele trilzwam

Gele trilzwam (Tremella mesenterica). Het vruchtlichaam is onregelmatig van vorm en breekt meestal door de bast van dode takken. Het is tot 7,5 cm breed en 2,5–5 cm hoog, afgerond tot verschillend gelobd of hersenachtig van uiterlijk. Het vruchtlichaam is geleiachtig maar taai als het nat is en hard als het droog is. De kleur kan variëren van geel naar oranje.

Echt judasoor

Na een paar jaar weggeweest te zijn, groeit achter het hek naar de vogelkijkwal echt judasoor (Auricularia auricula-judae). Olijfbruine zwam, die zacht en elastisch, kraakbeenachtig aanvoelt. Lijkt en voelt als een oor. En Judas komt uit een overlevering over de Bijbelse figuur die zich aan een vlier heeft opgehangen nadat hij Jezus verraden had. Echt judasoor heeft de voorkeur voor de vlier (Sambucus nigra). Maar ook op loofhout zoals deze essenstam. Echt judasoor is eetbaar, wordt veel gebruikt in de Chinese en Japanse keuken.

Groot kalkschuim

Groot kalkschuim (Mucilago crustacea) behoort tot de slijmzwammen. Het zijn recyclers van dood organisch materiaal, zoals op kruidachtige plantendelen of grassen. Hoewel het uiterlijk anders doet vermoeden, is het geen paddenstoel. In dit levensstadium is het, eenvoudig gezegd, een kolonie eencelligen. Enige gelijkenis is er wel, want ze vermeerderen zich door middel van sporen. Het groot kalkschuim verplaatst zich met 0,5 cm/uur. Slijmzwammen vertonen “intelligent” gedrag: ze vinden efficiënt de kortste route naar voedsel en passen hun vorm aan om optimaal meerdere voedselbronnen te benutten. Een goede basis voor een horrorverhaal!

Wespspin

In de foto van de cocon in oktober bleken de mieren te veel geconsumeerd te hebben. Er zijn slechts twee spinnen verveld die nu twee weken oud zijn en rond 1,5 mm groot. Hun chitinepantser is nu nog niet hard. Hierdoor kunnen ze nog iets groeien. Als je de literatuur erop naslaat kan een wespspin (Argiope bruennichi) +/- 200 nakomelingen krijgen. De cocons van vorig jaar hadden +/- 50, aanzienlijk minder. Bij een andere cocon was ook schade van mieren, maar daar waren de mieren niet in de eicocon gekomen.

Wespspin (2)

Er zijn ook geen mijten achter gebleven. Je ziet het glanzend dikke spinsel wat door de hele cocon aanwezig is. Ontzettend sterk en het haakt in elkaar. Voor de mieren zou het spinsel best een belemmering geweest kunnen zijn om onderin bij de eicocon te komen.  Je ziet naast de wespspin een wit propje. Dit is de vervelling van een van de spinnen. In de diepte zie je meer vervellingen van andere spinnen. Aan de hand van de vervellingen in een lege cocon kun je schatten hoeveel jongen in de cocon hebben gezeten. De jonge wespspinnen blijven nu tot eind maart 2026 in de cocon. Dan komen ze voorzichtig naar buiten. Het duurt nog even voor ik dat kan laten zien.

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

  • Geen toegang met auto of fiets
  • Wandel over de paden
  • Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
  • Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
  • Verboden te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden
  • Verboden om de eilanden te betreden
  • Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken
  • Verboden te kamperen

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groegroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com

Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)

Contact
Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Vergeet niet de aanmelding daar te bevestigen!
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte – oktober 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag. 

Blauwe reiger

Het is bijzonder aangenaam om een moment van meditatie door te brengen op de “Berg” in De Ruigte. Zittend in de opkomende zon en uitkijkend over het water, biedt deze locatie een serene omgeving voor reflectie. Al zonnend dacht ook deze blauwe reiger (Ardea cinerea) na, staand op een omgewaaide els van twee stormen terug. 

Groenling

Na het verwisselen van de geheugenkaart in mijn zangrecorder, trok er groep van +/- 25 groenlingen (Chloris chloris) over me heen. De groenlingen landen in slee- en meidoorn op de “Berg”. Hoewel het goede zaadeters zijn, lusten ze ook wel besjes. Op de foto gaat een oudere man op wacht zitten. Het hele jaar rond, zien en horen we de groenlingen. Het aantal groenlingen gaat landelijk achteruit. Voornamelijk door de achteruitgang van zijn broed- en leefgebied: bosranden en halfopen zoomvegetatie. Vooral het verdwijnen van de struik- en boomvegetatie rond weilanden heeft dit effect. Gelukkig past de groenling zich aan en trekt het stedelijk gebied in. Sommige van de groenlingen zijn standvogels, anderen migreren naar het zuiden in de winter en wij krijgen in de winter dan de Scandinavische groenlingen. Hoewel je niet weet of het een migrant of stand groenling is, kunnen we in de winter ook van de groenlingen genieten. 

Tjiftjaf

Deze tjiftjaf (Phylloscopus collybita) vloog met de groep groenlingen mee, hier zoekend naar insecten tussen de uitgebloeide Teunisbloem. Je kunt goed de spitse snavel zien. Deze snavelvorm duidt meestal op een insecteneter. De snavel van de groenling is relatief kort en staat hoog op de kop, wat wijst op zaadeters. In de nazomer zie je vaker grote groepen vogels van verschillende soorten vliegen. Binnen een soort zijn de jongen van dit jaar aan het leren waar je het voedsel vindt en hoe je moet socialiseren. Maar het aansluiten met andere soorten is voor veiligheid. In een grote groep heb je minder kans dat je voor een predator opvalt. In De Ruigte zie je vaak groepjes van kool-, pimpel- en staartmezen samen vliegen.

Steenrode heidelibel

Door tegenlicht lijkt de beharing van de verdroogde gewone ossentong wel op winterse rijp. Op gewone ossentong zit een steenrode heidelibel (Sympetrum vulgatum). De steenrode heidelibel heeft een eenjarige levenscyclus en overwintert als ei. Libellen zijn te zien van juni tot eind sept. Door het uitblijven van lagere temperaturen zag ik deze libel in oktober. 

Bruine graswants op gewone fopzwam

Toen ik op de grond lag om de gewone fopzwam te fotograferen, bleek een bruine graswants (Notostira elongata) 6mm, te poseren. Het is een langvleugelige wants die leeft van de sappen van verschillende grassoorten. Zijn bouw en kleur geeft een goede camouflage tussen de grassen.  Op de gewone fopzwam (Laccaria laccata) 25mm valt de graswants wel op. Deze gewone fopzwam is een jong exemplaar. Ondertussen kun je de uitgegroeide fopzwammen vinden bij de kleine den op de Berg. 

Geweizwam

Dit exemplaar van de geweizwam (Xylaria hypoxylon) 4mm is ook nog niet een volgroeid exemplaar. Ze kunnen tot 70mm groot worden. De naam komt omdat de top uit kan groeien en op een gewei van een hert lijkt. Deze geweizwam kun je het hele jaar vinden op rottend loofhout maar in de herfst heb je wel de grootste kans. Meestal staan ze in een groepje, dat was hier niet het geval. Ik vind het altijd net een lucifer die aan de verkeerde kant opbrandt.  

Amethistzwam of rodekoolzwam

De amethistzwam (Laccaria amethystina) of rodekoolzwam kun je vinden in de buurt van de vogelkijkwal. Meestal staan ze een korte week. De zwam is vanwege de kleur genoemd naar de kwartsvariëteit amethist. De amethistzwam wordt als eetbaar aangegeven, maar bevat een giftige arseenverbinding. Interessant is dat er twee soorten arseen in de paddenstoelen voorkomen, het minder giftige organische arseen en het voor zoogdieren en dus ook mensen zeer giftige niet-organische arseen. Afgezien dat je in De Ruigte geen maaltijd kunt plukken, zou ik deze amethistzwam niet op het dagelijks menu zetten. Rechtsonder liggen twee witte halve rondjes op de grond. Dit zijn lensgallen.

Lensgallen van lensgalwesp

Deze lensgallen zijn van de lensgalwesp (Neuroterus quercusbaccarum) op de zomereik voor de ingang van de vogelkijkwal. De platronde bolletjes bevatten alleen larven van de vrouwelijke lensgalwespen. De gallen laten eerder los van het blad dan dat het blad van de boom valt. De larven ontwikkelen zich verder in de op de grond gevallen gallen. In mei verschijnen, afkomstig van de inmiddels uitgekomen wespen, zogenaamde besgalletjes op zowel de jonge bladeren als de bloemsteeltjes van de zomereik. In deze galletjes kunnen zowel vrouwelijke als mannelijke galwespjes ontwikkelen.

Toefige labyrintzwam

De toefige labyrintzwam (Abortiporus biennis) groeit op de wortels van essen bij de oude sloot.  De soort heeft een sterke voorkeur voor vochtige voedselrijke grond.  De toefige labyrintzwam voedt zich met voedingstoffen van de gastheer. Hierbij kan de paddenstoel veel vocht opnemen, daar staat tegen over dat het vocht moet worden afgevoerd. Dit vindt plaatst door middel van een vorm van zweten. Dit worden ook wel guttatiedruppels genoemd. Bij beschadiging komt een zuur geurend gas vrij.  Deze toefige labyrintzwam ziet eruit als een mooie limonadefontein, maar het is een parasiet. Naast het aantasten van dood hout kan deze soort ook stamrot veroorzaken in levende bomen. Dit leidt uiteindelijk tot het afsterven van de boom.

Geschubde inktzwam

Over De Ruigte verspreid, groeit deze geschubde inktzwam (Coprinus comatus). De naam dankt de inktzwam aan het feit dat het paddenstoelenweefsel vervloeit tot een als inkt uitziende substantie. In de tijd dat men met een ganzenveer schreef, maakte men inkt van deze zwam. Als eerste komt de hoed tevoorschijn. Al snel groeit deze door en kun je de steel ook zien. Zo gauw de eerste sporen rijp zijn, vervloeit dit deel van de lamellen met de rijpe sporen erin. Dit valt vervolgens op de ondergrond. De sporen worden verspreid via regenwater. Soms is na 24 uur al niets meer te zien van de inktzwam(men). Als ze nog heel jong zijn, zijn ze eetbaar, maar dan moet je er twee dagen ervoor of erna geen alcohol drinken: anders nuttig je een van de twee nooit meer.

Cocon van wespspin

De cirkel van het leven van de wespspin (Argiope bruennichi). Enkele cocons zijn door vogels, meestal eksters, opengemaakt en de eicocon is dan opgegeten. Zoals linksboven, is de eicocon nog aanwezig. Rechtsboven is door mieren een ingang gemaakt, om het vet in de eicocon te verzamelen en als voedsel op te slaan in hun nest. Na sectie van de eicocon bleek dat mijten (0,2 – 0,4 mm) zich te goed doen aan alles wat eetbaar is. Waarschijnlijk zijn de mijten via de mieren in de eicocon terecht gekomen. Ik vreesde voor de eieren van de spinnen. Om meer zicht te krijgen, heb ik de opening in de eicocon verder open gemaakt.  Het eerste wat opviel, is hoe hard het geeloranje vet geworden is. Daarin blijken de eieren te liggen.

Jonge wespspin

Door het verder openen van de eicocon waren enkele kamers waar de eieren ingekapseld lagen, opengebroken. Er bewogen nu niet alleen mijten maar ook de jonge wespspinnen (0,8mm). Ondanks dat ze door deze botte keizersnee uit het ei waren gerukt, kropen de wespspinnen naar een donkere plek. Als je op dit macro/micro niveau foto’s maakt heb je veel licht nodig en zowel de mijten als de spinnen houden daar niet van. Je ziet hier twee op elkaar liggende jonge wespspinnen. Spinnen vervellen na het uitkomen.  Deze zijn nog niet verveld. Het is net te vroeg. De mijten laten voor nu nog de eieren/spinnen met rust. De wespspinnen horen de komen weken uit het ei te komen en verblijven dan in de cocon tot maart. Of de ingekapselde jongen uit dit verharde vet kunnen komen? Of de mijten de spinnen zullen bevrijden? Ik ga het volgen.

Helaas noodzakelijke gedragsregels: 

•  Geen toegang met auto of fiets. 

•  Wandel over de paden. 

•  Honden aan de lijn (drollen verwijderen) 

•  Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park) 

•  Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden. 

•  Verboden om de eilanden te betreden. 

•  Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken. 

•  Verboden te kamperen. 

Algemene informatie over De Ruigte 

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com

Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s). 

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.com 
Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071 

Abonneer jezelf! 

Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Vergeet niet je aanmelding te bevestigen in het daarvoor toegestuurde e-mailbericht! 
Je hoeft dan niets te missen van bijvoorbeeld deze boeiende maandelijkse toer door de Ruigte.

6 reacties

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte – september 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag. 
September is de maand van de nazomer naar de herfst. Zichtbaar en voelbaar minder zonuren. Dat zie je aan de insecten die elk moment pakken om op te warmen in de zonnestralen.

Bijenwolf

Bijenwolf (Philanthus triangulum) op de laatste bloemen van de Wilde Marjolein. De bijenwolf is een solitair levende wesp. Het vrouwtje is in staat om bijen van andere insecten te onderscheiden. Als ze een bij heeft gevonden, blijft ze boven de bij hangen tot het juiste moment daar is. Met haar poten grijpt ze dan de bij vast. Meteen wordt de bij gestoken met een verlammende steek en wordt het gif door het lichaam van de bij geperst. Zo legt de wesp een aantal verlamde bijen in haar van leem gebouwde nest en legt op één ervan een eitje. Mannelijke bijenwolfnakomelingen krijgen gewoonlijk twee of drie honingbijen in hun broedcel en vrouwelijke nakomelingen vier tot zes honingbijen. In de laatste binnengebrachte prooi wordt het eitje gelegd. Wanneer het eitje uitkomt, eet de larve de verlamde bijen één voor één op. 

Gewone geurgroefbij

De gewone geurgroefbij (Lasioglossum calceatum) 9mm is een fascinerende bijensoort die je zelfs in stedelijke gebieden kunt tegenkomen. Wat deze soort bijzonder maakt, is haar sociale flexibiliteit. In sommige omstandigheden leeft ze eusociaal, wat betekent dat er een duidelijke taakverdeling is binnen het nest: een koningin legt de eitjes, terwijl werksters haar helpen met het grootbrengen van de jongen (zoals bij honingbijen). Wat het nog interessanter maakt: niet alle verwante soorten zijn eusociaal. Binnen dezelfde groep vind je bijen die solitair leven, maar ook soorten die een volledige sociale structuur hebben. Afhankelijk van de leefomgeving en omstandigheden kan de gewone geurgroefbij dus het hele spectrum aan sociale gedragspatronen laten zien — van alleenstaand tot samenwerkend. Kortom, deze kleine bij laat zien hoe flexibel en divers het sociale leven in de insectenwereld kan zijn!

De kleine wigwamspin

De kleine wigwamspin (Phylloneta sisyphia), van onderaf in de wigwam bekeken. De spin is uit de familie van de kogelspinnen (Theridiidae). De vrouwtjes worden 3 tot 4 mm groot, de mannetjes worden 2,5 tot 3 mm. De soort is te vinden op struiken en lage vegetatie. De kleine wigwamspin bouwt een toevluchtsoord in de vorm van een wigwam, die bedekt is met plantenresten. Onder de schuilplaats spint de spin de wirwar die typisch is voor de kogelspinnen. De enkele, bolvormige blauwgroene eierzak wordt geproduceerd in de zomer, tussen juni en augustus. De vrouwtjes doen aan moederzorg. De jonge spinnen worden oraal gevoed door het vrouwtje. 

De kleine wigwamspin 2

De kleine wigwamspin (Phylloneta sisyphia) deelt haar prooi met de jongen. 

Eerder wordt het voedsel uitgebraakt door de moeder, maar naarmate de jongen groter worden, deelt de moeder grotere voedselproducten met hen. Het vrouwtje zal sterven voordat de jongen het nest verlaten en ze zullen haar lichaam opeten.  Aangezien ook zij na de paring de man als aperitief heeft geconsumeerd, neemt deze soort het doorgeven van genen aan de jongen wel heel letterlijk. 

Wespspin

Niet elke wespspin blijft op dezelfde locatie een web bouwen. Doordat elke wespspin op het achterlijf een uniek patroon heeft, kan ik ze makkelijk uit elkaar te houden. Ik heb in De Ruigte negen wespspinnen kunnen vinden in dit jaar. Vorig jaar was dit er één. Echter, bij het maaien zijn er toen wel twee cocons gevonden. Aangezien de wespspin maar een cocon kan maken, moeten het er vorig jaar meer geweest zijn. De laatste wespspinnen zijn nu overleden. 

Cocon van de wespspin

Van de 9 wespspinnen heb ik in totaal 6 cocons kunnen vinden. De cocon is ongeveer 20mm hoog. De eieren, met een vetlaag eromheen, bevinden zich onder in de cocon. Al vaker heb ik cocons gevonden die een klein gaatje hadden. Nu ontdekte ik in De Ruigte de veroorzakers. Het waren mieren die zich te goed deden aan het vet.  Ik bewaar en volg de cocons die beschadigd zijn. Na het maaien in De Ruigte, worden de intacte cocons weer in De Ruigte teruggezet. 

Bont zandoogje op de meidoorn

Bont zandoogje (Pararge aegeria) is in De Ruigte van februari tot in oktober te zien. Zo gauw de zon aanwezig is, warmen deze zandoogjes zich op. De mannen hebben vaste zonplekken. Ze dulden geen andere mannen in de buurt. Dan wordt het een luchtgevecht.  Regelmatig zie je dan twee zandoogjes al tuimelend om elkaar heen. Ze overwinteren als ei of als larve. De vrouwtjes zetten eieren af in het gras, één van de redenen waarom we als groengroep niet alles maaien. Waar wel gemaaid wordt, wordt het maaisel in De Ruigte verspreid om eventuele eieren of cocons nog een kans te geven om uit te komen.

Zuidelijk spitskopje

Het zuidelijk spitskopje (Conocephalus fuscus) is een 18mm grote groene sprinkhaan met een bruine rug en een spitse kop. Hij houdt van dichte vegetatie. Graslanden die niet worden gemaaid, zoals hooilanden en wegbermen, zijn geschikt. Het zuidelijk spitskopje is, eenmaal volwassen, actief gedurende de maanden juli tot oktober, de mannetjes laten zich vooral horen tussen elf uur ´s ochtends en zeven uur in de avond. Het voedsel bestaat uit planten zoals kruiden en grassen, maar ook kleine insecten als rupsen en bladluizen worden gegeten.

Zuringuil

Zuringuil (Acronicta rumicis) 38mm, of beter gezegd de zuringrups. Prachtige kleuren. Je zou denken daar moet een mooi gekleurde vlinder uitkomen. Maar nee, het zuringuiltje is een nachtvlinder van 20 mm lengte. In de nacht heb je niets aan mooie felle kleuren. Overdag onder struiken of op een boom helpen camouflage kleuren (bruin/grijs). De naam doet vermoeden dat hij van zuring houdt en dat klopt. Alleen in De Ruigte is zuring niet ruim aanwezig. De waardplanten zijn allerlei kruidachtige en houtige planten, waaronder zuring, weegbree, duinroos, hop, braam, en zelfs ook wilg en meidoorn. Op de hop na zijn de andere planten wel aanwezig. 

Bleke glimmerinktzwam

Bleke glimmerinktzwam (Coprinellus pallidissimus) groeit vaak op oud hout. Deze zijn rond de 30mm. Ondanks dat de bodem iets vochtiger is, zijn er nog niet heel veel paddenstoelen te zien. Mijn verwachting is dat ik volgende maand meer soorten kan laten zien.


Helaas noodzakelijke gedragsregels: 

•  Geen toegang met auto of fiets.

•  Wandel over de paden.

•  Honden aan de lijn (drollen verwijderen) 

•  Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park) 

•  Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden. 

•  Verboden om de eilanden te betreden. 

•  Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken. 

•  Verboden te kamperen. 

Algemene informatie over De Ruigte 
Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.com

Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s). 

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.com 
Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071 

Abonneer jezelf! 
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu. Vergeet daarbij niet je aanmelding te bevestigen in je e-mail.  
Je krijgt dan een melding bij een nieuw bericht op de website. 
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door de Ruigte.  

1 reactie

Opgeslagen onder Nieuws

Visuele toer door De Ruigte – augustus 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen).  

Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag. Het is alweer eind augustus. Bladerend door mijn foto’s van deze maand, zijn er meer onderwerpen dan ik had gedacht. Dus laat ik maar starten met het Gewone Knuppeltje in het artikel te (gooien) schrijven.

Gewone Knuppeltje

Gewone Knuppeltje (Physocephala rufipes) op de bloemen van de wilde marjolein. Het laat zich raden waarom deze zweefvlieg, 10 tot 18 millimeter, zo heet. Het achterlijf is net een knuppel. Er zijn twee soorten. Het Zwarte Knuppeltje komt ook voor in De Ruigte. De eitjes van het Gewone Knuppeltje worden op verschillende soorten hommels gelegd. Het is een parasitoïde, dat houdt in dat de larven in de hommel leven tot na de winter. Na de winter overlijdt de hommel en de nieuwe generatie Knuppeltjes worden geboren. 

Grote Langlijf Zweefvlieg

Grote Langlijf Zweefvlieg (Sphaerophoria scripta), 11mm, op het Boerenwormkruid (Tanacetum vulgare). Waar bloemen zijn, zijn deze Langlijfjes te zien. Ze leven van nectar en stuifmeel. Koester deze vliegen want de eitjes van deze Langlijfvlieg worden in kolonies van bladluizen gelegd. De langlijflarven eten namelijk bladluizen. Een vrouwtje legt wel 1000 eitjes tussen de bladluizen. Bij gunstige omstandigheden zijn het na 20 dagen weer Langlijf zweefvliegen, één van de betere biologische bestrijders van bladluizen. Voordat ik naar de volgende nabootsing of camouflage van de geel-zwarte “wesp”kleuren ga, wil ik even stilstaan bij het feit dat deze mimicry heel veel voorkomt. Mimicry is de aanpassing waarbij dieren en planten eigenschappen van andere soorten nadoen, zoals kleur, geluid of geur. Het geel-zwarte patroon waarschuwt vaak voor gevaar. Nabootsing kan verschillende functies hebben: bescherming, bedreiging, aantrekken of verspreiding van zaden.

De volgende bewoner gebruikt geen mimicry maar geeft een echte waarschuwing. Ik vind zelf deze spinnen fascinerend.

Wespspin

Laag in het gras hebben ze hun web. Deze spin, nog nat van de dauw, is 15 mm, gemeten van giftand tot achterlijf. De Wespspin (Argiope bruennichi) is een van de grootste spinnen van Europa. Oorspronkelijk komt deze spin in Zuid-Frankrijk voor. Door de opwarming van het klimaat is de spin zelfs op Terschelling al gezien. Het mannetje is echter 5mm en wordt zelden gezien. De mannetjes leven kort, twee tot drie dagen, vaak omdat hij na de paring als aperitief gegeten wordt. Het web is een zogenaamd wiel-web, met een opvallend, zigzagvormig patroon van extra zijde dat een “ stabiliment” heet. De echte functie van het zigzagpatroon is niet bekend. Maar als je weet dat deze spin gespecialiseerd is in het vangen van sprinkhanen, heeft het web wel wat stabiliteit nodig. Bij een wielweb van een kruisspin, als die het al aandurft, wint vaak de sprinkhaan omdat het web niet sterk genoeg is.

Wespspin 2

Prachtig hoe de wespspin deze veldsprinkhaan vangt. Terwijl de wespspin hem ronddraait, wordt de sprinkhaan  met 2 mm breedband van spinrag ingepakt. Daarna krijgt de sprinkhaan het verlammende gif ingespoten achter de kop. Meestal wordt de sprinkhaan pas later opgegeten. Het gif werkt niet alleen verlammend. Er zitten ook verteringsenzymen in, zodat de spin na een tijdje alles als een cocktail kan opdrinken. Het gif van giftige diersoorten is eigenlijk een gespecialiseerd speeksel, wat voor de voorvertering zorgt en het immobiliseren van de prooi.  De vrouwtjes wespspinnen maken een grote cocon waar ze de eieren in leggen. Ik vertel daar komende maanden meer over, ook over het uitkomen van de jonge wespspinnen. Ze zijn in De Ruigte te zien tussen het gras en op de berg. Deze spinnen zijn erg zeker van zichzelf, omdat ze er gevaarlijk uitzien. Ze gaan dus niet op de vlucht voor u of uw hond. Dus blijf op de paden, ook de honden, voor nog drie weken. Niet dat de spinnen gevaarlijk zijn, maar u maakt hun web kapot of u doodt de spinnen misschien. Het duurt niet lang meer, want de vrouwtjes overlijden +/- een week na het eieren leggen.

Icarusblauwtje

Icarusblauwtje (Polyommatus icarus) Deze soort blauwtje vliegt al een paar jaar in De Ruigte. Maar het is voor mij voor het eerst dat ik in een jaar vier soorten blauwtjes tel. Icarusblauwtje, Bruinblauwtje, Boomblauwtje en dit weekeind Kleine Vuurvlinder, hoewel de vuurvlinder wel tot een andere groep behoort onder de blauwtjes.

Kleine Vuurvlinder

Het klinkt als veel, vier soorten, maar als je weet dat er wereldwijd ruim 5200 soorten blauwtjes zijn waarvan zo’n 120 soorten in Europa. Als we dan op Nederland inzoomen blijven nog steeds 27 soorten over, waarvan vastgesteld is dat 15 soorten als vaste soorten voorkomen. De naam blauwtje verwijst dus niet naar de kleur maar naar de familienaam Lycaenidae.

Scheefbloemwitje

Vier is ook het aantal in De Ruigte voor de Koolwitjes: groot koolwitje, klein koolwitje, klein geaderd witje en Scheefbloemwitje. Dit Scheefbloemwitje (Pieris mannii) is een niet veel voorkomende soort. Door de klimaat opwarming komt deze soort steeds noordelijker voor. 

Echter, de vlinderstand in Nederland neemt af door bestrijdingsmiddelen. Ook langs het spoor worden onkruidverdelgers als Glyfosaat gebruikt. Een verboden middel voor de landbouw. ProRail spuit twee keer per jaar het inspectiepad om het onkruidvrij te houden. De trein is niet zo milieuvriendelijk als het lijkt. 

Wormkruidbij

Ik kan het niet laten om deze Wormkruidbij (Colletes daviesanus) toch even te laten zien. Boerenwormkruid is de waardplant van deze bij. De bij heeft hele sterke kaken waardoor hij zelfs een gang in voegsel van stenen kan maken.  Maar over het algemeen kiest hij voor makkelijkere locatie zoals hout of leemwanden. Door de specialisatie van wilde bijen op verschillende waardplanten, zie je door het jaar heen veel verschillende soorten. Omdat boerenwormkruid een laatbloeier is, zie je de Wormkruidbij ook pas rond begin augustus.

Bruine Winterjuffer

De  Bruine Winterjuffer (Sympecma fusca) is de enige juffer die je de hele winter door kunt zien. De winterjuffer overwintert als volwassen libel. De libellen kunnen daardoor uitzonderlijk oud worden, tot wel tien maanden. In het vroege voorjaar vindt de voortplanting plaats en worden de eitjes afgezet. Vervolgens ontwikkelen de larven zich binnen drie maanden tot volwassen libellen, die in de nazomer verschijnen. Wanneer het kouder wordt begint de overwintering. Ze geniet van de late zon op de bessen van de meidoorn. Er zitten meerdere juffers, het moet lukken om er één te vinden.  De Ruigte hangt op dit moment vol met bessen, appels en peren. 

Wilgenbezemmijt

Als je deze in de kassen van de Hortus zou zien, zou je denken dat het om een prachtige orchidee gaat. Maar nee, dit is een vergroeiing van wilgenknoppen die veroorzaakt wordt door verschillende soorten mijten. Hoewel men er nog niet uit is wat nu precies de veroorzaker is, want er zijn ook theorieën dat het mycoplasma of wel bacteriën zijn die dit veroorzaken. Onder de binoculair kon ik geen mijten vinden, wel kleine jonge maden van vliegen, en spinnetjes. Volgend jaar zal ik het wat eerder bekijken. Het is een goed jaar voor gallen (abnormale vergroeiingen). Op de eikenbomen kun je verschillende soorten vinden. Let maar eens goed op de bladeren.

Goudrenet

In De Ruigte hangen nu prachtige Goudrenetten, Gieser Wildeman peren en Kweeperen. De Goudrenet en Gieser Wildeman peer zijn nog van oude volkstuinen overgebleven. Er hangen op dit moment veel vruchten. Plukken mag, gebruik dan een netje of emmer op een lange stok om ze van de tak te schudden. Voor kinderen is dat een goede les dat de appels niet alleen in de kratten bij de supermarkt groeien. U zult wel denken, daar heb je hem weer. Maar toch, neem de vruchten mee voor een appeltaart of voor een pannetje stoofperen zodat meerdere mensen ervan kunnen genieten. Laat aangevreten vruchten hangen of liggen. Dat is een maaltijd voor wespen of andere insecten, vogels en muizen. Een goede wintervoorraad.

Dwarsbandkakkerlak

Dwarsbandkakkerlak (Planuncus tingitanus s.l. (Bolívar, 1914)) Als u dan fruit heeft geplukt, zou het best kunnen dat u deze kakkerlak tussen de vruchten of kleren vindt. Overal waar een beetje beschutting tussen bladeren en een beetje vocht is, voelt deze soort zich thuis. Dus vrees niet: hij heeft een hekel aan droge en schone huizen. Dit is een jong exemplaar, de volwassenen zijn licht, doorzichtig lichtbruin. Tussen de bladeren van de bomen en struiken of tussen de klimop op de grond zijn het goede opruimers. Af en toe vinden ze een zonnebad nemen heerlijk, dan zie je ze op de bladeren zitten. 

Grote bonte specht

Ik moet toch aandacht besteden aan de Grote bonte specht (Dendrocopos major). Deze bonte specht verblijft al meer dan een maand in De Ruigte. Spechten, net als boomkruipers, zijn vaak in De Ruigte om voedsel te zoeken. De oude en dode bomen die er staan, geven een rijkdom aan insecten. Deze man lijkt een poging te doen om een territorium op te bouwen, roffelend op meerdere bomen. De specht heeft bijzondere eigenschappen. Zijn tong is 10 cm lang, om insecten te ontdekken en in gangen uit de boom te halen. De specht kan met een frequentie van zo’n 20 tikken per seconde met zijn snavel tegen een boom hakken. Als wij 14 keer zachter met ons hoofd tegen een boom lopen, belanden wij met een zware hersenschudding in het ziekenhuis. De specht bezit een stevige snavel en schedel, evenals een aanvullend membraan tussen de schedel en hersenen waarin vocht wordt opgeslagen. Deze aanpassing zorgt ervoor dat schokken bij het kloppen worden gedempt. Ik hoop dat de specht een partner aantrekt zodat we nestbouw en jongen kunnen volgen.

Helaas noodzakelijke gedragsregels: 
•  Geen toegang met auto of fiets. 
•  Wandel over de paden. 
•  Honden aan de lijn (drollen verwijderen) 
•  Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park) 
•  Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden. 
•  Verboden om de eilanden te betreden. 
•  Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken. 
•  Verboden te kamperen. 

Algemene informatie over De Ruigte 
Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep.
De Groengroep bestaat uit bewoners van Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag via DeRuigte@outlook.nl. Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s). 

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.nl 
Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071 

Abonneer jezelf! 
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu. 
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website. 
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door De Ruigte.

! Vergeet niet je e-mailadres te bevestigen, je krijgt na aanmelding daarvoor een speciaal e-mailbericht.
Er zijn momenteel meer dan 50 abonnees die dit (nog) niet hebben gedaan. Zij krijgen dan helaas ook geen melding van nieuwe berichten. !

3 reacties

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken

Visuele toer door De Ruigte – juli 2025

Mijn naam is Peter Snelderwaard en ik hou het hele jaar door de flora en fauna in De Ruigte nauwgezet in de gaten. Het natuurpark is erg gevarieerd dankzij de verschillende biotopen (leefomgevingen). Elke maand laat ik deze biodiversiteit zien met een fotoverslag.
Ook juli heeft weer interessante waarnemingen opgeleverd.

Albino knopsprietje

Elk jaar zie ik een of twee van deze, in dit geval een jong, albino knopsprietje (Myrmeleotettix maculatus). Een van de meest voorkomende sprinkhanen in De Ruigte. Heel erg variabel van kleur. Maar roze zie je niet vaak. Dit betekent niet dat deze albino sprinkhanen zeldzaam zijn. De opvallende kleur, of eigenlijk geen kleur, zorgt ervoor dat ze een opvallende prooi vormen voor vogels of andere rovers. De overlevingskansen zijn daardoor klein.

Wimperflankzandbij

De wimperflankzandbij (Andrena dorsata) is een zandbij-vrouwtje van 9 mm, vaak te vinden op de overvloedige aanwezig honingklaver. Ze verzamelt nectar voor energie en legt stuifmeel bij haar eitjes als voedsel voor de larven.

Wimperflankzandbij

Daar waar men in natuurgebieden, bv. Meijendal / AWD, konikpaarden of koeien inzet om open plekken in het landschap te krijgen, is het in De Ruigte de “Kindererosie” die, door het spelen, voor de kale plekken op de berg zorgen.  Hier maken de zandbijen dankbaar gebruik van. In de kale zandgrond kunnen de zandbijen uitstekend hun holen graven om de eieren in te leggen. Naast ophangen van een Insectenhotel met buisjes zou u ook een zandplek op een zonnige plek in de tuin kunnen maken. Of een grote pot gevuld met zand. Voorkeur gaat uit naar fijn zand, bv. speelzand. Niet schoffelen, geen plantjes. Hiermee geef u ook de wilde graafbijen en -wespen een kans.

Tronkenbij

Neem de tronkenbij (Heriades truncorum) die u deze dagen zeker bij de insectenhotels gezien zult hebben. Deze 7-8mm tronkenbij laat mooi zien hoeveel stuifmeel ze mee kunnen nemen naar hun nest. Tronkenbijen verzamelen stuifmeel door met het achterlijf bloemen te bekloppen. Het stuifmeel wordt vervoerd tussen de verzamelharen op de buik, wat goed te zien is op de foto. Dit maak deze tronkenbij met andere Wilde bijen uitstekende bestuivers. Ze zijn vaak ook gekoppeld aan waardplanten waardoor het bevruchten binnen de soort efficiënt gaat.

Honingbij

Sorry, stadimkers. Honingbij (Apis mellifera), 13mm, wordt op grote schaal kunstmatig in bijenkorven gehuisvest. Komt oorspronkelijk uit Afrika en Europa. De mens heeft de honingbij over de hele wereld verspreid. Hij kan uit elke plant nectar halen. Honingbijen worden ingezet als bestuivers op monocultuur, akkerbouw.  Door onkruidverdelgers en geen ruimte voor wilde bijen kunnen telers ook niet meer zonder. Maar bestuiven is niet hun sterkste kant. Door de grote aantallen lukt dit wel. Een kast kan tot 80.000 bijen bevatten. In feite zijn het gecultiveerde, bestuivende koeien geworden. In plaats van melk, leveren honingbijen honing en bijenwas. Niet efficiënte en niet-selectieve bestuiving van wilde planten vermindert plantendiversiteit. Neem dit samen met concurrentie om nectar, vormen deze kastbijen een bedreiging voor wilde bijen. Bijenkorven zouden minstens 1100 meter van natuurgebieden moeten staan en niet meer dan 3 per km²; bij De Ruigte wordt deze adviesnorm helaas ruimschoots overschreden. Eerlijkheidshalve moet gezegd worden dat de bijenkasten er eerder waren dan De Ruigte. Genoeg gemopperd op de goede bedoelingen van de mens om bijen in een kast te stoppen voor economische belangen. In het wild hoort natuurlijk ook de honingbij.

Schermbloemzandbij

Neem nu deze net geen 6mm grote schermbloemzandbij (Andrena nitidiuscula). Een extreem zeldzaam pareltje. Wordt waargenomen in zo’n specifiek stedelijke leefgebied als De Ruigte met aanwezigheid van veel wilde peen (Daucus carota) en gewone berenklauw (Heracleum sphondylium). Dat komt door de aanwezigheid van kale grond voor nestbouw. Ze zijn te bewonderen op de Berg. De gewone berenklauw vind je rond de wilgenhut en -tunnel. (Deze berenklauw geeft geen blaren.)

Wilde peen

De wilde peen (Daucus carota) heeft een prachtige schermbloem. Voor aantrekking van insecten is de middelste bloem van het scherm is vaak zwart-purperachtig.. Tijdens de bloei maakt de bloeiwijze slaapbewegingen. Dat betekent dat ’s avonds de bloeiwijze zich bolvormig sluit en over gaat hangen, maar de volgende dag spreidt ze zich weer uit. Uiteindelijk vormt de bloeiwijze aan het eind van de bloei weer een min of meer gesloten bol, wat de andere naam voor wilde peen, vogelnestje verklaart.

Pyjamaschildwants op de wilde peen

Schermbloemen trekken veel insecten aan. Het is de waardplant van deze prachtige pyjamaschildwants (Graphosoma italicum). De wants boort een gaatje in de plant om de plantensappen te drinken. Deze pyjamaschildwants zit lekker te zonnen. Het zijn echte zonaanbidders.

De oude sloot

De “kindererosie”  moet af en toe wel aan banden gelegd worden. Maar zoals kale plekken op de heuvel door het spelen van kinderen zijn ontstaan, zijn elders in De Ruigte ook struinpaden ontstaan. Dat geeft  dan weer een andere doorkijk tijdens de wandeling.

Klimopbremraap

De bodem is rijk begroeid met Klimop (Hedera helix) in het bosgedeelte van De Ruigte. Daartussen vind je deze prachtige bloem van de klimopbremraap (Orobanche hederae). De stengel is bezet met crèmekleurige klierharen. Klimopbremraap is een bleke, bladgroenloze plant. Een echte parasiet, die parasiteert met zuigwortels op het wortelstelsel van klimop. Het grootste deel van het jaar bevindt de hele plant zich onder de grond. De klimopbremraap Is alleen te zien als ze bloeien van juni tot augustus. In Leiden vind je deze klimopbremraap vaker. Toch is dit lokaal. Daarom staat deze nog op de rode lijst van beschermde planten.

Wespenorchidee

De nieuwkomer aan de rand van het bos. Ik vind het de parel op ons werk als groengroep in De Ruigte. Niet schoffelen, minimaal ingrijpen, hier en daar bijsturen van woekerende soorten schept mogelijkheden voor nieuwe soorten. Waaronder nu deze brede wespenorchis (Epipactis helleborine). Het bijzondere is dat niet alleen de bodemgesteldheid, licht omstandigheden, maar ook de specifieke mycorrhiza (netwerk van schimmels) aanwezig moet zijn, anders kunnen de zaden niet kiemen en meteen in symbiose gaan met deze schimmels. De naam wespenorchis komt omdat de bloem bestoven wordt door wespen, zoals de Gewone wesp (Vespula vulgaris). De omstandigheid dat deze wespensoort een grote voorliefde heeft voor het stuifmeel van klimop brengt met zich mee dat de wespenorchis, eenmaal aanwezig, zich vaak uitbundig verder weet te verspreiden in plantsoentjes waar klimop als bodembedekker wordt gebruikt.  Wie weet, zien we er volgend jaar meer.

Gewone wesp

Wespen bouwen hun nest van papier, dat is samengesteld uit gekauwde houtvezels. Deze zit in een klimop. Niet in de Ruigte omdat ik daar niet bij kan om foto’s te maken. Ik heb dit wespennest van een buurvrouw in haar tuin mogen fotograferen. Je kun heel dichtbij komen zonder gestoken te worden. Alleen moet je het nest niet aanraken of in beweging brengen.

Gewone wesp

Wespen eten niet alleen zoetigheid, maar ook eiwitten en zijn goede jagers. Anders dan bijen vangen ze rupsen en schadelijke insecten, waardoor ze nuttig zijn in de tuin. Met al dat eten moeten ze ook wel eens iets kwijt. De onderste wesp laat zich hangen en laat dan een druppeltje faeces vallen. Zo blijft het nest schoon. 

Als het kan, laat dan het wespennest zitten . Als u wespen met rust laat, doen de wespen dat ook met u.  In het Leids Stadsnieuws werd ook aandacht gevraagd voor wespen. Meer weten; Stadsnieuws Leiden of Wespenstichting: wespenstichting.nl.


Met de kennismaking van de nieuwkomer wespenorchidee met zijn bestuiver de wesp, sluit ik af en wens ik iedereen een fijne beleving in De Ruigte. Tot over een maand.

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

  •                   Geen toegang met auto of fiets.
  •                   Wandel over de paden.
  •                   Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
  •                   Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
  •                   Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden.
  •                   Verboden om de eilanden te betreden.
  •                   Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken.
  •                   Verboden te kamperen.

Algemene informatie over De Ruigte

Het natuurpark wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaande uit bewoners van De Vreewijk. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd door de Groengroep. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer naar de volgende werkdag  via DeRuigte@outlook.com
Lees meer informatie op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s).

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu.
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door de Ruigte. 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws

Visuele toer door De Ruigte – juni 2025

In de Vreewijk, tussen Tevreewijk en de Telderskade, ligt een bijzonder natuurgebiedje, dat nog via land, 
water of stepping stone, verbindingen heeft van en naar de stad: De Ruigte. Gelegen midden in de stad, 
biedt het een oase van rust en natuurbeleving voor omwonenden.

Ik ben Peter, lid van de Groengroep, en ik monitor het hele jaar de verscheidenheid aan flora en fauna in 
De Ruigte. Door de aanwezigheid van verschillende biotopen, is dit stukje natuur zeer gevarieerd. 
Om een indruk te krijgen van deze diversiteit, neem ik jullie maandelijks mee in mijn visuele reis.

Zoals beloofd presenteer ik  hier nu de lijst met de namen van alle vogels waarvan ik in het eerste halfjaar van 2025 geluidsopnamen heb kunnen maken. De opnamen zijn gemaakt met een Micro Soundmeter-recorder, die elk uur 30 minuten registreert op een frequentie van 192 kHz. Deze hoge frequentie is noodzakelijk om ook de echolocatiegeluiden van foeragerende vleermuizen vast te leggen. Vogels zijn geïdentificeerd met behulp van akoestische software van BirdNet Sound ID, wat aanbevolen wordt voor iedereen die, net als ik, niet elke vogel aan zijn zang herkent.
De vleermuisopnamen heb ik handmatig uitgewerkt, waarbij ik tevens frequentiecriteria heb toegevoegd.
Helaas is de recorder tweemaal gesaboteerd, en week 14 is het apparaat zelfs gesloopt en de SD-kaart met data verwijderd.

Maar, de lijst aan soorten is indrukwekkend en benadrukt hoe waardevol zelfs een paar vierkante meter natuur kunnen zijn voor flora en fauna.
Veel vogelsoorten zijn aanwezig op de eilanden, zoals de roerdomp en diverse steltlopers.
We zien ook wintergasten die van buiten de stad komen en die in de winter de warmere stedelijke gebieden opzoeken. Er zijn vogels die De Ruigte gebruiken als oriëntatiepunt tijdens hun vlucht. Stadsvogels zoals onder andere de kerkuil en de bosuil foerageren hier s ’nachts. De diversiteit aan soorten is indrukwekkend en onderstreept het belang van het reserveren van enkele vierkante meters voor fauna en flora. 
Dit draagt bij aan de versterking van de stedelijke natuur en biedt een rijkere natuurervaring.

Als je nu enthousiast met verrekijker en afstreeplijst naar de berg in De Ruigte wilt rennen, dan moet ik je teleurstellen. Zelf heb ik met tweewekelijkse bezoeken slechts tweederde van de vogels daadwerkelijk gezien, sommigen maar één of twee keer in een jaar. Vele verschuilen zich in het riet of op de eilanden. Toch raad ik zeker een wandeling aan: neem een verrekijker mee en gebruik de BirdNet-app om zang te herkennen. Je komt soms voor verrassingen te staan, zoals mijn ontmoeting deze winter met de waterral, die ik twee keer zag. Een genot.

Maand juni 2025

We hebben natuurlijk ook een aantal standvogels die het hele jaar te zien en te horen zijn.
Zeker niet minder interessant.

Winterkoninkje

Neem dit Winterkoninkje (Troglodytes troglodytes). Altijd aan het begin van De Ruigte in het bos te vinden.
Prachtige zang. 
De winterkoning is met zijn slechts 10 gram  en lichaamslengte van 9-10 centimeter, één van de krachtigste zangers. Met zijn staart omhoog gericht produceert het winterkoninkje een geluid tot wel 90 decibel. Een hele prestatie voor zo’n klein vogeltje. Het nest is meestal goed verstopt. 
Een koppel kan drie nesten per jaar van 5-8 jongen groot brengen. Met zijn spitse snaveltje eet hij voornamelijk insecten. 

De Kruidenheuvel

Na een paar dagen regen, schieten de planten uit de grond. 
Nog even en de wilde marjolein gaat bloeien. Samen met de Kartuizer anjer zal het een paarse zee worden.
Klein verzoekje, geen bloemen plukken of er overheen lopen. 

Kartuizer anjer

De Kartuizer anjer (Dianthus carthusianorum) is een van de vier soorten in De Ruigte. 
De anjer werd vooral door de orde van Kartuizer monniken (1084) gekweekt. Vandaar de naam Kartuizer. De anjer bevat zeepstoffen die naar men zegt desinfecterend werken en als middel tegen reuma werden ingezet. 
De Kartuizer anjer groeit in zuidelijkere streken op berg hellingen. 
De Kruidenheuvel bestaat uit zand en kiezels van het spoor. Droge, arme, kalkrijke grond, daar voelt de anjer zich thuis. De Kartuizer anjer is een beschermde soort. 

Sint-Jacobsvlinder

Als je langs De Kruidenheuvel loopt, maar ook op de berg, vind je Jakobskruiskruid (Jacobaea vulgaris). Vaak zie je daar ook de Sint-Jacobsvlinder (Tyria jacobaea).  

Rupsen Sint-Jacobsvlinder

De rupsen van deze vlinder kun je nu ook zien eten van het Jakobskruiskruid. 
De gele kleur met zwarte banden zijn een waarschuwing: eet mij niet want ik ben giftig. 
Het Jakobskruiskruid bevat alkaloïden en is schadelijk voor de lever. 
Veel boeren zien deze plant niet graag. Koeien en paarden eten de plant alleen als er voedselschaarste is of in gedroogde vorm in het hooi. 
Jakobskruiskruid fungeert als waardplant voor 40 verschillende soorten die afhankelijk zijn van deze plant: 25 (nacht)vlinders, 5 bladkevers, 4 vliegen, 6 plantparasieten. 
Het kruid heeft een heel sterk herstelvermogen en produceert per plant 200.000 zaadjes.

Gewone Oeverlibel

Tijdens die paar regen-/miezerdagen spotte ik deze gewone Oeverlibel (Orthetrum cancellatum). 
Hij vond een droge schuilplaats onder een brandnetelblad. 
Meestal zie je ze zonnebadend op de berg. Maar dan laten ze niet toe dat je dichtbij komt. 
De mannen van deze soort zijn blauw. Deze vliegen nog tot oktober.

Groene Bladwesp

Op de berg kwam ik deze Groene Bladwesp (Rhogogaster-chlorosoma) tegen in de rolklaver. 
Zo’n indrukwekkende tekening en kleuren. Deze Bladwesp heeft een lengte van 10-13 mm. 
Leeft van stuifmeel en nectar van schermbloemigen zoals de grote berenklauw (Europese). 

Groefbijendoder

Op het looppad van de berg waren Groefbijendoders (Cerceris rybyensis) druk bezig met het graven van gangen. 
De Groefbijendoder heeft een lengte van 12mm en vangt groefbijen (Halictus) als prooi voor haar nageslacht. Daarnaast worden zandbijen (Andrena) en soms roetbijen (Panurgus) als prooi gebruikt.

De nestgang loopt 10 tot 15 cm de grond in en is vertakt met zijgangen die 
eindigen in een nestcel.
De prooien worden verlamd en in de nestcel gebracht. 
Per cel wordt dezelfde prooiensoort aangebracht.

Geelbandlangsprietmot

Meer op het pad naar de vogelkijkmuur waren de geelbandlangsprietmotten 
(Nemophora degeerella) aan het dansen in de lucht. 
De mannetjes hebben drie keer langere sprieten dan de vrouwtjes. 
Bij motten dienen de sprieten, of antennes, om de feromonen van het vrouwtje te detecteren. 
De spriet van deze sprietmot is 10 maal zijn lichaamslengte. Nog te zien tot begin juli.

Roestbruine kromlijf

Deze Roestbruine kromlijf (Sicus ferrugineus) meet zo’n 8mm.
Niet bepaald aerodynamisch. 
Waar veel bijen en hommels leven zijn ook veel predatoren of parasieten. 
Deze Roestbruine kromlijf is een endoparasiet. 
Legt zijn larven in hommels van het geslacht Bombus. 
De larven verpoppen en overwinteren in hun slachtoffers. 

Moeraswolfspin

Ik ga afsluiten met deze zorgzame moeder. Waar de meeste mensen in De Ruigte genieten van de bloemen en bijtjes, gebeuren ongezien complete veldslagen op bizarre wijze. Toch zijn ook grootste kleine rovers zorgzaam voor hun kroost. Neem nou deze Moeraswolfspin (Pardosa palustris). Na een maand  de ei-cocon aan haar tepels te hebben gedragen, is het nu tijd dat de jonge spinnen een plekje op de rug van de moeder zoeken. Het chitine pantser van de jongen is nog niet uitgehard, vandaar dat dat nog geen kleur heeft. Je ziet wel al de grote ogen van de jonge spinnen. De moeder zal een paar weken voor de jongen zorgen en dan gaan ze hun eigen weg. 

Steenanjer

Dit was een kleine selectie van deze maand. 
Hoewel ik bij het laatste rondje deze Steenanjer (Dianthus deltoides) nog zag bloeien.
De helft kleiner dan de Kartuizer anjer, en de steel en bladeren van de Steenanjer zijn blauwgroen. 
Ook deze anjer is zeer zeldzaam. 

Er zijn meer plekken in Nederland waar deze soort groeit, voornamelijk richting Limburg. 
Vaak is er sprake van uitzaaiing van cultivars van de tuincentra. Maar ook is het mogelijk dat de Steenanjer is meegelift met de trein. Vroeger was er een overslagterrein en kwamen er goederen uit alle delen van Nederland aan. Een van die goederen waren kolen voor het warm stoken van huizen. Deze kolen kwamen uit Limburg of België en meerdere soorten planten, die eigenlijk hier niet voor horen te komen, zijn met de kolen meegekomen en zich hier helemaal thuis gaan voelen. Transport zorgt voor meerdere invasieve soorten, die vaak een bedreiging zijn voor de lokale soorten. 
Vaak herstelt de balans van de natuur zich weer als de predatie op die soorten op gang komt.

Met deze toegift schuif ik de volgende waarnemingen naar de volgende maand. 
Ik wens iedereen een fijne beleving in De Ruigte. Tot over een maand.

Algemene informatie over De Ruigte
In het parkdeel van De Ruigte zijn mensen welkom en kunnen kinderen spelen in de natuur. Paden zijn onverhard. Bepaalde jaargetijden staat er water in De Ruigte waardoor toegankelijkheid een uitdaging wordt. De natuureilanden aan de zuidkant van het gebied vormen een rustige plek waar vogels en andere dieren leven, broeden of foerageren. Daarom zijn deze eilanden niet voor mensen, honden en katten toegankelijk.

Dit natuurgebiedje wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaande uit bewoners van De Vreewijk. Met specifieke beheerplannen beoogt de Groengroep meer plant- en diersoorten aan te trekken om zo de lokale biodiversiteit te vergroten. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer via DeRuigte@outlook.com

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

  • Geen toegang met auto of fiets.
  • Wandel over de paden.
  • Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
  • Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
  • Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden.
  • Verboden om de eilanden te betreden.
  • Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken.
  • Verboden te kamperen.

Op deze regels wordt toezicht gehouden.
Lees deze informatie ook op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.com
Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu. 
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door de Ruigte.  

1 reactie

Opgeslagen onder Nieuws

Visuele toer door De Ruigte: mei 2025

In de Vreewijk, tussen Tevreewijk en de Telderskade, ligt een bijzonder natuurgebiedje, dat nog via land, water of stepping stone, verbindingen heeft van en naar de stad: De Ruigte.
Gelegen midden in de stad, biedt het een oase van rust en natuurbeleving voor omwonenden.

Ik ben Peter, lid van de Groengroep, en ik monitor het hele jaar de verscheidenheid aan flora en fauna in De Ruigte. Door de aanwezigheid van verschillende biotopen, is dit stukje natuur zeer gevarieerd. Om een indruk te krijgen van deze diversiteit, neem ik jullie maandelijks mee in mijn visuele reis.

Maand Mei 2025
Het voorjaar begon vroeg dit jaar.

Bloesem Gieser Wildeman

Daardoor was deze stoofpeerbloesem (Pyrus communis ‘Gieser Wildeman’) bloesem, samen met de andere fruitbomen, begin mei al uitgebloeid.

De meidoorn

De meidoorn (Crataegus monogyna), verspreid over het park, begint al licht roze te kleuren begin mei.
Een teken dat de bloei afgelopen is.
De meidoorn is een belangrijke vroegbloeier voor de insecten.
Met name voor de hommels en bijen.

De gehoornde metselbij

De gehoornde metselbij (Osmia cornuta) is zo’n vroeg actieve bijensoort in De Ruigte. In kale stukken in de berg of langs de slootkanten waar klei aan de oppervlakte komt, zie je de metselbijen. Met speeksel en klei maken zij hun specie klaar om vervolgens het eitje, wat in een holletje in hout gelegd is, af te dekken met wat stuifmeel. In de insectenhotels in de wijk gebeurt dit in de buisjes van bamboe.

Metselbij in tunnel

De metselbijen maken hele tunnels om bij de beste klei te komen. Ondanks de meerdere mijningangen is het soms dringen. Ga rustig even kijken als je ze ontdekt. De bijen laten zich niet verstoren door je aanwezigheid. Ze kunnen wel steken, maar alleen als ze zich bedreigd voelen.

Het Blauwtje

Niet alleen de bijen zijn gek op het stuifmeel en de nectar. Dit Blauwtje (Lycaenidae) geniet van de nectar op een bloem van de Gewone Rolklaver (Lotus corniculatus). Op de Kruidenheuvel, langs het spoorhek, groeien vele soorten klaver. Deze gewone Rolklaver is de waardplant voor de Sint-Jansvlinder, die we later dit jaar wel gaan zien.

De Lissenboorder

De Lissenboorder (Mononychus punctum-album) kan eerder bij de nectar dan dat de bloem zich opent (bloeit).

Boorgaten van de Lissenboorder

Alleen insecten met lange tong kunnen bij de nectar van deze klaver. 
De Lissenboorder niet. Maar daar is een oplossing voor. De Lissenboorder boort een gaatje op de plek waar de nectar zich bevindt en maakt zo de nectar toegankelijk. Je ziet meerdere boorgaten aan de stam van de bloem.
Het Blauwtje of bijen maken daar ook dankbaar gebruik van. Waarom moeilijk doen, als het makkelijk kan.
Alleen de klaverplant zelf, die nectar produceert om zijn stuifmeel door insecten te laten verspreiden, wordt overgeslagen voor de bestuiving.

De Grote Ratelaar

Het effectief verspreiden van het stuifmeel, daar maken planten wel kunst van. Zoals deze Grote Ratelaar (Rhinanthus angustifolius), die op de Berg groeit. De bloem heeft een gesloten keel. Een hommel is sterk genoeg om de keel te openen. De hommel komt eerst met zijn achterlijf tegen het bolletje (stamper) aan, om daar het stuifmeel wat op zijn rug zit van een andere Ratelaar af te geven. Als de hommel in zijn  achteruit gaat, neemt hij stuifmeel mee, wat achter het blauw/paarse flapje zit. Dat flapje zorgt er ook voor dat de bloem niet zijn eigen stuifmeel kan afgeven aan de stamper. De Grote Ratelaar is een halfparasiet. Deze plant onttrekt voeding, via de wortels, van grasachtigen. Omdat de Grote Ratelaar groene bladeren heeft kan de plant wel de voedingstoffen zelf verwerken. Vandaar halfparasiet. U kunt De Grote ratelaar nog bloeiend bekijken tot oktober.

Gewone Renspin

Ik was bezig met het maken van een foto van hommels die in en uit een holletje vlogen. Hommels gebruiken graag oude muizenholletjes. Toen viel mijn oog op deze prachtige Gewone Renspin (Philodromus cespitum) met prooi. Het lichaam is 0,4mm. Zij maken geen web om de prooi te vangen maar jagen op zicht. Razendsnel zijn ze.

De Vlaamse Gaai

Eksters, kraaien, kauwtjes en deze Vlaamse Gaai (Garrulus glandarius) behoren tot de kraaiachtigen. Deze hele slimme vogels zijn allemaal te zien in De Ruigte. De Vlaamse Gaai is de kleurrijkste en de schichtigste van de vier. Zijn zonnebad werd onderbroken door een wolk. Maar zelfs met mijn verstoring daar bovenop, wilde hij niet zijn zonplekje opgeven. Mooie gelegenheid voor een fotootje. De Vlaamse Gaai is een alleseter. Hij heeft een zeer gevarieerd menu, waaronder de eikels in de herfst. Hij verstopt al het voer, ook de eikels, in de grond voor de winter. Meer dan dat hij eet of kan onthouden. Je kunt dus zeggen dat de eikenboom afhankelijk is van de verspreiding van de eikels door de Vlaamse Gaai. Want wat aan eikels in de grond blijft, worden jonge eikenboompjes.

Naast foto’s maak ik ook 24 uur-geluidsopnames, van vogels en vleermuizen in het park en op de eilanden. Dit geeft per week inzicht in wat voor dieren het park bezoeken. In juni zal ik een soortenlijst van het eerste half jaar van 2025 toevoegen. 

Eind juni volgt de volgende visuele toer van De Ruigte.

Algemene informatie over De Ruigte

In het parkdeel van De Ruigte zijn mensen welkom en kunnen kinderen spelen in de natuur. Paden zijn onverhard. Bepaalde jaargetijden staat er water in De Ruigte waardoor toegankelijkheid een uitdaging wordt. De natuureilanden aan de zuidkant van het gebied vormen een rustige plek waar vogels en andere dieren leven, broeden of foerageren. Daarom zijn deze eilanden niet voor mensen, honden en katten toegankelijk.

Dit natuurgebiedje wordt in samenspraak met de gemeente beheerd door de Groengroep. De Groengroep bestaande uit bewoners van De Vreewijk. Met specifieke beheerplannen beoogt de Groengroep meer plant- en diersoorten aan te trekken om zo de lokale biodiversiteit te vergroten. Eén keer per maand wordt er onderhoud uitgevoerd. Lijkt het u leuk om ook een actieve bijdrage te leveren, informeer via DeRuigte@outlook.com

Helaas noodzakelijke gedragsregels:

  • Geen toegang met auto of fiets.
  • Wandel over de paden.
  • Honden aan de lijn (drollen verwijderen)
  • Afval meenemen (of in de prullenbak bij de entree van het park)
  • Verboden om te zwemmen of te varen in de wateren rondom de eilanden.
  • Verboden om de eilanden te betreden.
  • Verboden om te barbecueën en/of open vuur te maken.
  • Verboden te kamperen.

Op deze regels wordt toezicht gehouden.
Lees deze informatie ook op de speciale pagina van De Ruigte (onder Thema’s)

Contact Groengroep: DeRuigte@outlook.com

Gemeente: Gerpieter Wilbrink: g.wilbrink@leiden.nl, tel 14071

Abonneer jezelf!
Ben je nog niet geabonneerd op deze website, doe dit dan nu. 
Je krijgt dan een melding via e-mail bij een nieuw bericht op de website.
Je hoeft dan bijvoorbeeld niets te missen van deze boeiende maandelijkse toer door de Ruigte.  

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Nieuws, Rubrieken